Coach Marieke Jellema over conflicten
- Interview
- Thema-artikelen
Strijden om de waarheid is niet wat conflicten in gemeenten oplost, vindt Marieke Jellema, coach, organisatiedeskundige en eerder voorzitter van de Commissie Predikantsprofiel binnen de NGK. Volgens Jellema zijn predikanten, kerkenraden en gemeenten veel meer gebaat bij een verandering van perspectief. ‘Het gaat om de strijd om het hart.’
Marieke Jellema: ‘Ik probeer mensen een ander perspectief te bieden en vanuit dat perspectief naar een oplossing te zoeken.’ (beeld Mariëlle van Delft, JELL fotografie Noordwijk)
De titel van deze OnderWeg is: de predikant in het nauw. Jij bent coach. Herken je dit?
‘Ja. Maar ik zeg er meteen iets bij. Als je alleen over de vervelende uitzonderingen rapporteert, schets je een beeld dat gebaseerd is op uitzonderingen. Dat levert vervreemding op. Ik geef een voorbeeld. Een hedendaagse filosoof typeert nieuws als “een aaneenschakeling van nare bijzonderheden”. Daardoor is het alsof we in een onveilige wereld leven. Dat strookt niet met het beeld dat jij en ik hebben van de plek waar we wonen.
Als beeld en realiteit niet met elkaar kloppen, ontstaat er verwarring bij mensen. Zoiets kan zich ook voordoen in de kerk, als je vooral schrijft over uitzonderingen. Die vervreemding wil je niet. Ik denk dat het een verantwoordelijkheid van de media in de kerken is om ook te schrijven over de kerk als plaats van bemoediging en zingeving.’
Wat houdt dit concreet in?
‘Dat God zijn pad met mensen gaat, met jou, met mij. Als wij zijn aangezicht zoeken, gaat Hij met ons mee. Houd je dat voor ogen, dan praat je op een andere manier over de problemen die er zijn.’
Die problemen zijn er als het gaat om de verhouding predikant – gemeente – kerkenraad. Hoe ga jij daarmee om?
‘Wie naar een probleem kijkt, doet dit altijd vanuit een eigen perspectief. Vanuit datzelfde perspectief werk je aan een oplossing. In de problematiek die jij bedoelt, denkt iemand die deskundig is in personeelswerk in termen van “profiel”. Een theoloog denkt in termen van “ambt”. Ergens zijn beide lijnen, of een combinatie, belangrijk en waar. Toch helpen ze maar voor een deel en niet op een dieperliggend niveau.’
En dat is?
‘Als coach werk ik vanuit een systemisch perspectief. Dat betekent dat een vraag van een predikant tot stand komt doordat hij functioneert in een context: gemeente, kerkenraad, landelijke kerk. In die context doet een predikant iets en reageert hij. Anderen in diezelfde context doen hetzelfde. Zomaar ontwikkelt zich een reactiepatroon waarin negatieve dingen elkaar opvolgen, als een soort kettingreactie. De uitkomst is vaak dat iedereen elkaar in een houdgreep houdt.’
‘Er is veel pijn. Er is ook vaak boosheid’
Dus ga jij als coach, samen met betrokkenen, op zoek naar die context, dat perspectief?
‘Ja. Er zijn bijvoorbeeld kerken waarin het adagium geldt: het Woord moet het doen. Het kan zijn, en daar zijn voorbeelden van, dat een predikant hierdoor minder let op de eigen presentatie of op een gedegen voorbereiding van een preek. Als je dan te maken hebt met een publiek dat kritisch luistert en op presentatie let, ontstaat er een probleem.
Een ander voorbeeld: een predikant die niet graag themagericht preekt. Dat leverde in een gemeente problemen op. Als coach zoek ik dan naar het onderliggende perspectief, bijvoorbeeld bij de predikant: waarom wil hij dit niet? Het bleek dat hij dit uit overtuiging deed. Hij wilde niet het risico lopen dat hij zich alleen bezighield met hapklare Bijbelgedeelten. Hij wilde niet selectief met de Bijbel omgaan. Nog een laagje dieper was er zijn angst om mee te gaan met de tijdgeest.’
En wat was de context aan de kant van de kerkenraad, de gemeente?
‘Daarin waren mensen actief die de hele week tegen allerlei verschillende dingen aanlopen. Voor hen, een kritisch publiek, was het belangrijk om voor al die situaties leerstof vanuit de Bijbel aangereikt te krijgen.’
Nu klinkt het voorgaande redelijk onderkoeld. Ik neem aan dat de processen die je beschrijft met moeite en pijn gepaard gaan.
‘Ja, er is veel pijn. Er is ook vaak boosheid. Bij een kerkenraad die niet snapt dat een predikant geen of minder aandacht heeft voor hoe hij overkomt. Bij een predikant die boos is over het volgens hem te grote accent op zijn voordracht. Soms komt het dan zo ver dat het gevoel ontstaat: we moeten uit elkaar.’
Marieke Jellema: ‘Als wij zijn aangezicht zoeken, gaat Hij met ons mee. Houd dat voor ogen.’ (beeld Mariëlle van Delft, JELL fotografie Noordwijk)
Wat is jouw rol als coach hierin?
‘Niet primair bemiddelen. Dat geeft snel een oplossing die aan de buitenkant blijft. Ik probeer mensen een ander perspectief te bieden en vanuit dat perspectief naar een oplossing te zoeken.’
Je gaf voorbeelden van een context die meespeelt. Zijn er andere die je tegenkomt?
‘Ik overzie niet het geheel, ik spreek over wat ik zie en hoor. Wat mij opvalt, is dat er verschillen zijn per kerk. Waar ik bijvoorbeeld in de GKv mee te maken krijg, zijn predikanten die niet meer precies dezelfde overtuiging hebben als de “kerkelijke papieren”. Zij kiezen in preken of andere uitingen dan net andere woorden. Vaak is een groot deel van de hoorders daar blij mee. Maar een klein deel blijft zo’n predikant bevragen. Zoiets levert de predikant een innerlijk conflict op: wat mag, wat kan ik nog zeggen op de preekstoel? Zo’n conflict is er ook bij de verontrusten, die een bepaald recht van spreken hebben: er is wat in het geding. Alleen voeren zij, juist omdat dit hen raakt, de strijd vaak hard. Zoiets wordt snel een gevecht dat je over en weer niet kunt winnen.’
En hier staat een kerkenraad soms tussenin.
‘Ja. Er zijn kerkenraden die het onderling eens zijn. Dan kun je handelen, dat is fijn. Er zijn ook kerkenraden die zelf verdeeld zijn. Dat is heftig. Dan wordt het al gauw een machtsspel waarin ándere zaken ingebracht worden: de preek is niet fijn, zijn stijl werkt niet. Terwijl het onderliggende punt blijft liggen!’
Het blijft verdrietig, en gek. Want allemaal kennen we de tijdgeest, met die stevige plek voor: ik vind… We kennen tools om contact te maken, te luisteren. En toch gaat het in een kerk soms mis.
‘Dat is zo. Ik denk dat hierin twee dingen belangrijk zijn. Allereerst: in de gereformeerde kerken zit vanuit het verre verleden van de verlichting een rationele inslag. Er staat één waarheidsopvatting centraal: zo is het en niet anders. Ik denk weleens dat de kerken in hun strijd voor de waarheid voorbijgegaan zijn aan de Bijbelse boodschap, waarin de focus ligt op het hart: het gaat om de strijd om het hart.
In de tweede plaats: te vaak wordt in conflicten het dieperliggende perspectief waarover ik sprak niet gezien of onderkend. Dan gaat het zomaar hard tegen hard. En de legitimering daarvan is dat je de kerk probeert te redden of wilt staan voor de Bijbel.’
‘Het wordt al gauw een machtsspel waarin
ándere zaken ingebracht worden’
Welke relativering past hier volgens jou?
‘Zelf heb ik veel aan het volgende, over het werkwoord zijn. In “1 plus 1 is 2” staat de vervoeging van zijn voor een feit: het is waar. In de naam die God zichzelf geeft, gaat het niet over een feit, maar over zijn wezen, zijn essentie: “Ik ben die Ik ben.” Dit kun je ook toepassen op de typering die Jezus van zichzelf geeft: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven.” Als je waarheid niet primair opvat als conclusie, maar als essentie – dit ben Ik, Ik doe het jou vóór, word mijn leerling, Ik laat je het leven zien – dan zit daarin eigenlijk alles besloten en is een “strijd voor de waarheid” niet nodig.’
Wat blijft jou uit je werk als coach in kerken het meeste bij?
‘Dat door verandering van perspectief mensen tot bloei komen. Ik heb dat meegemaakt. Dat vind ik prachtig.’
Wat heeft jou in dit bezig zijn pijn gedaan?
‘Als mensen de waarheid claimen en op grond daarvan gaan handelen. Daarmee wordt te vaak voorbijgegaan aan wat God ten diepste wil.’
Cijfers
Om hoeveel ‘predikanten in het nauw’ gaat het in kerken als de CGK, de GKv en de NGK? In de CGK zijn geen cijfers bekend, wel in de GKv: van 2011 tot 2017 hielden de deputaten Bemiddeling en Begeleiding zich 23 keer bezig met situaties waarin de relatie kerkenraad-predikant in het geding was. In 7 situaties kwam het door de interventie tot verbetering. In 8 gevallen was volledig herstel van werkbare verhoudingen niet haalbaar en ging de predikant eervol met pensioen of vertrok hij naar een andere gemeente. In 7 gemeenten was losmaking ook na bemiddelingspogingen onontkoombaar. Het merendeel van deze 23 predikanten was ouder dan 50 jaar.
Cijfers binnen de NGK gaan over de periode na 2000. In die jaren is in ongeveer 20 gevallen de arbeidsverhouding met een predikant beëindigd anders dan door overlijden of emeritaat in verband met leeftijd. Bij ongeveer 80 procent daarvan is sprake van omstandigheden die te maken hebben met verstoorde verhoudingen.
Leendert de Jong werkt in de media en is oud-hoofdredacteur van
OnderWeg.



