Het feest van de opstanding

Jeannette Westerkamp | 14 april 2018
  • Eyeopener

En toen ze Hem zagen bewezen ze Hem eer, al twijfelden enkelen nog.
(Matteüs 28:17)

Het is weer Pasen geweest. We vierden de opstanding van Christus uit de dood. Maar was dat eigenlijk een feest? Er klonken geen trompetten bij het open graf. Zelfs toen zijn leerlingen de opgestane Jezus zagen, twijfelden ze nog. En toch heeft hun geloofsverhaal de einden der aarde bereikt.

(beeld Rick Schroeppel/Shutterstock)

(beeld Rick Schroeppel/Shutterstock)

Pasen is een wonderlijk feest. Pesach, het feest van de uittocht uit Egypte, was makkelijker te vieren. De zee maakte ruim baan voor een stoet slaven met hun kinderen en geiten en spoelde even later over het machtige leger van Egypte heen. Je ziet het gebeuren. Het lied dat spontaan ontstaat, wordt eeuwen later nog gezongen en begeleid met de tamboerijn. ‘Wij waren slaven in Egypte en de Heer heeft ons bevrijd’, zeggen de nakomelingen. Het is niet alleen het verhaal van hun ouders, het is hun verhaal.

Jezus baant voor ons een weg door de dood. We zijn bevrijd van de grip van de zonde, die ons scheidt van God. We zijn op weg naar het koninkrijk van God, waar geen dood en ziekte meer is. Maar er is geen trompetgeschal van engelen bij het graf. De vrouwen zingen geen lied in de tuin. Er is geen feest rond het graf. Niemand is getuige van de opstanding. Een paar soldaten in paniek. Een leeg graf. Enkele vrouwen die zeggen dat ze Hem gezien hebben. Dat is het. De schrijvers van de evangeliën zijn het er zelfs niet over eens wat er nu precies wanneer gebeurde. Het zijn de rafelige getuigenverklaringen die je krijgt bij een onverwachte en ingrijpende gebeurtenis. Het is niet één verhaal.

Stel je voor dat Jezus was verschenen aan Pilatus en Herodes. Die waren zich misschien wel doodgeschrokken. Stel je voor dat Jezus de tempel was binnengewandeld en een bezoek aan het Sanhedrin had gebracht. Dat was nieuws geweest! Dat had mogelijk zelfs Rome bereikt. De wereldgeschiedenis heeft in een paar dagen een totaal andere richting gekregen, maar zelfs de mensen die in Jezus geloofden, hadden moeite het te zien.

Petjes en vlaggetjes

Twee volgelingen van Jezus, Kleopas en waarschijnlijk zijn vrouw, verlaten Jeruzalem, weg van het lege graf waar Maria Jezus ontmoette. Als Jezus bij hen komt lopen, vertellen ze Hem het hele evangelie. Over Jezus, de profeet van wie ze geloofden dat Hij de messias was, die op afschuwelijke wijze stierf. Over het lege graf en de engelen die vertelden dat Hij leeft. Dat graf was inderdaad leeg. Maar Jezus, waar moesten ze die zoeken? Bij hen thuis blijkt hun gesprekspartner Jezus zelf te zijn. Thuis bij mensen die de verkeerde kant op lopen.

Jezus verschijnt aan de discipelen, maar Tomas – die er niet bij is – is niet overtuigd. De groep dreigt uit elkaar te vallen.

Als het Nederlands elftal wint, zeggen mensen vaak: wij hebben gewonnen. Het brengt mensen samen, samen voor de buis, met oranje petjes en vlaggetjes. Met liederen. Dat gevoel is er niet na de opstanding. De tranen van de leerlingen waren nauwelijks opgedroogd. Konden ze hun ogen wel geloven? Voel maar, zegt Jezus, eet met Me. Blijf niet met open mond staan kijken, Ik ben geen spook. Maar even later is Hij weer weg en moeten ze elkaar vertellen: ‘Ik heb Hem gezien. Hij was het echt!’

Vissen

De discipelen gaan naar Galilea, naar huis. Naar de plek waar ze van alles hebben meegemaakt met Jezus. Ze gaan weer vissen, net als vroeger. Ook als Jezus naar de discipelen roept dat ze het net aan de andere kant moeten uitgooien en het vol vissen stroomt, lezen we: ‘Geen van de leerlingen durfde Hem te vragen wie Hij was, ze begrepen dat het de Heer was.’ Ze vlogen Hem niet in de armen zoals je dat zou doen bij een vriend die je gemist hebt. Ze lijken ook niet te vragen wat er nu precies gebeurd is.

We lopen niet met ronde steentjes om onze hals
als herinnering aan het open graf

Ze gaan naar de berg waar Jezus ze onderricht heeft gegeven. Jezus komt bij hen. Elf mensen worden de wereld in gestuurd om alle volken tot discipelen van Jezus te maken. Om te doen wat Hij deed, met de macht die Hij had. Alle volken! En ze bewijzen Hem eer, ook al twijfelen sommigen nog steeds.

Ronde steentjes

In plaats van het herdenkingsfeest van de uittocht uit Egypte hebben we nu het avondmaal, de herinnering aan de dood van Christus. We hebben de doop: het sterven met Christus en opstaan uit het water. We lopen niet met ronde steentjes om onze hals als herinnering aan het open graf, maar met kruisen als herinnering aan de dood. Wat we wel hebben als herinnering is de zondag, de dag van de opstanding, en niet meer de sabbat.

Niemand twijfelt aan de dood van Christus. Ook niet-christelijke historici niet. De vernedering, het lijden en de dood waren publiek. Er zijn ook goede argumenten voor de historiciteit van de opstanding, maar daar worden weinig mensen door overtuigd. De opstanding was ongrijpbaar. Jezus was ongrijpbaar. Tot Hij het brood brak en zijn wonden liet zien en voelen. (Overigens: wonden? Na de opstanding? Is de herinnering aan wat hier op aarde gruwelijk lijden was, op de nieuwe aarde een sieraad?)

Soms komt de hemel te hulp met een wonder

Tussen de dag van de opstanding en zijn hemelvaart verschijnt Jezus onaangekondigd op verschillende tijden en plaatsen. Alsof Hij zijn vrienden de tijd geeft om eraan te wennen dat Hij altijd bij hen zal zijn, maar niet tastbaar. En op de berg vindt geen afscheid plaats, geen overdracht. Niet: eerst deed Ik het, nu moeten jullie het doen. Het wordt een andere manier van samenwerken. ‘Ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld’, zegt Jezus daarover.

De heilige Geest moest nog komen. De Geest die Jezus openbaart en mensen die de opgestane Heer hebben ontmoet, bij elkaar brengt. Die ontmoeting met Jezus kan overal zijn. Vlak bij de plek waar je je geloof begraven had, onderweg, terwijl je de verkeerde kant op loopt, maar toch vooral ook op plekken waar je Jezus eerder hebt ontmoet, al wordt nu alles anders.

Duwtje

Nu is het onze opdracht om mensen naar Jezus te brengen en gratis het eeuwige leven in overvloed aan te bieden. Sommige mensen reageren verbaasd, anderen lachen ons uit, en er zijn christenen die deze boodschap met hun leven moeten bekopen. We mogen weten dat we niet alleen zijn, dat we alle macht hebben gekregen.

Soms komt de hemel te hulp met een wonder, zodat we heel concreet kunnen zeggen: ‘Dit is Jezus voor jou, nu.’ Maar even zo vaak hebben we niet meer dan: ‘Hij is er echt, alleen ik kan Hem niet aanwijzen. Ik vertrouw erop dat Hij zich aan jou zal laten zien als je Hem zoekt.’ Soms zien we Hem tijden niet. Maar Jezus loopt altijd met ons mee en kan ons zomaar een vriendelijk duwtje geven: let hier of daar eens op. En soms ziet iemand Jezus in ons, net op het moment dat we Hem zelf misschien een beetje kwijt zijn.

Blijkbaar zijn ze de wereld ingegaan, die elf. Het effect ervan was enorm. De kosten ook. Dat ontroert me. Twijfelend en aanbiddend zijn ze begonnen en elke keer is Hij ze weer tegemoetgekomen. En terwijl anderen zeiden: ‘Wacht even. Wat was dat?’, zeiden zij: ‘Dat was Jezus.’

Om over na te denken of door te praten

  • Hieronder staan een paar titels voor Pasen. Welke past voor jou het beste?
    • Pasen is: lachen door je tranen heen.
    • Pasen is: ik hoef niet meer bang te zijn voor de dood.
    • Pasen is: de wereld is gered.
  • Is er een moment geweest dat de opgestane Heer aan jou ‘verscheen’, dat je Hem niet meer van horen zeggen, maar van aangezicht tot aangezicht leerde kennen?
  • Twijfel je weleens over de opstanding? Wat doe je daarmee? Maakt het je angstig? Praat je erover?
  • Heb je in het contact met een niet-christen weleens ervaren dat je ‘macht’ kreeg om te genezen, te overtuigen, iets te weten wat je niet kon weten?
  • Er zijn christenen die zeggen dat de opstanding niet letterlijk moet worden opgevat, maar dat de discipelen zijn boodschap tot leven gebracht hebben. Wat zijn de consequenties van zo’n visie?
  • Als je met niet-christenen over Jezus praat, waar praat je dan over? Welk verhaal vertel je? Gaat het over het kruis? Over de overwinning op de dood? Over zijn aanwezigheid nu?
Over de auteur
Jeannette Westerkamp

Jeannette Westerkamp is parttime justitiepredikant namens de NGK Houten.

Meest gelezen

God begint, Jakob wint

God begint, Jakob wint

Maurits Oldenhuis
  • Eyeopener

Het is een van de meest mysterieuze verhalen in de Bijbel. Jakob vecht op de oever van de Jabbok met een vreemdeling die later God blijkt te zijn. Dat is al vreemd. Maar alsof het niet genoeg is: Jakob wint ook nog. Dit verhaal is niet alleen mysterieus, het is bizar en ongehoord.

Lees artikel
Elkaar bemoedigen in het geloof

Elkaar bemoedigen in het geloof

Jeroen Sytsma
  • Eyeopener

Stel dat je de grote apostel Paulus tegenkomt, hoe zou jij hem dan bemoedigen? Ja, je leest het goed: Paulus heeft bemoediging nodig en hij gaat ervan uit dat jij die kunt geven. Dat schrijft hij zelf aan het begin van zijn brief aan de christenen te Rome.

Lees artikel
Toeval bestaat…

Toeval bestaat…

Almatine Leene
  • Eyeopener

Christenen zijn geneigd te zeggen dat toeval niet bestaat. God bestuurt alles en toeval staat daarmee in contrast. Maar staat toeval eigenlijk wel tegenover Gods leiding?

Lees artikel
3:16

3:16

Rob van Houwelingen
  • Eyeopener

Johannes 3:16 staat onbetwistbaar boven aan de top tien van meest geliefde Bijbelteksten. Het is de tekst waarnaar het meest verwezen wordt op internet. Een Bijbelstudie van Rob van Houwelingen.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief