Zó gevarieerd kan een kerkenraad eruitzien
- Reportage
- Thema-artikelen
Er is in de afgelopen jaren veel veranderd in het kerkenraadswerk en in de manier waarop een kerkenraad zich vormt. Welke modellen zijn er zoal? Om daarachter te komen een gesprek met vier leiders uit drie gemeenten over de manier waarop hun kerkenraad functioneert.
In GKv Amersfoort-De Horsten (360 leden) functioneert de kerkenraad op een ‘klassieke’ wijze. De raad bestaat uit ouderlingen die jaarlijks op huisbezoek gaan en richt zich vooral op het geestelijk leidinggeven aan de gemeente. ‘We hebben zo veel mogelijk beleidszaken overgeheveld naar een commissie bestuurlijke zaken’, vertelt voorganger Bas Luiten. ‘In die commissie zitten geen kerkenraadsleden. De commissie houdt zich bezig met ondersteuning en facilitering, zodat de gemeente kan functioneren. Dit zorgt ervoor dat de kerkenraad zich volop kan richten op geestelijke zaken.’
De Amersfoortse kerkenraad vergadert eens in de maand en neemt daarbij ruim de tijd voor studie en bezinning op actuele onderwerpen. ‘Het gaat dan om thema’s als huwelijk en samenwonen, homoseksualiteit en liturgie. Meestal bereid ik deze bespreking voor en maak ik een A4’tje met enkele hoofdlijnen. We spreken daar dan over, zodat er op een natuurlijke manier een denklijn ontstaat, die we eventueel kunnen omzetten in beleid. Daarnaast wordt volop de tijd genomen voor het bespreken van pastorale zaken.’
De gemeente is onderverdeeld in vijf wijken en aan elke wijk zijn twee ouderlingen en een diaken verbonden. De wijken zijn weer onderverdeeld in huiskringen, waarbinnen onderling pastoraat en diaconaat aangemoedigd worden. ‘We zien dat er binnen de kringen naar elkaar wordt omgezien en daar zijn we blij om. Tegelijkertijd hechten we er belang aan om vanuit de raad op bezoek in de gemeente te gaan, want je moet en wilt als raad weten wat er speelt en leeft. Beide vormen van pastoraat vullen elkaar aan en zijn nodig. Alleen al omdat ongeveer 40 procent van de gemeenteleden niet is aangesloten bij een huiskring.’
Spitsuur
In de gesprekken die ambtsdragers met gemeenteleden voeren gaat het om vragen als: Hoe is je band met Christus? Lukt het om te leven vanuit de bron? Ervaar je de vreugde van de Heer? Lukt het om te kijken met de ogen van de Heer? ‘Ook is het van belang dat er in deze gesprekken specifiek gevraagd wordt naar de voeding die men krijgt door de prediking en de erediensten, want als kerkenraad beleg je deze erediensten’, zegt Luiten.
‘In tien jaar tijd kan ik de hele gemeente bezoeken’
Bijzonder is dat Luiten zelf ook ouderling is binnen de kerkenraad en zijn ‘eigen’ halve wijk heeft. Elk jaar verandert hij van halve wijk. ‘Op die manier kan ik in tien jaar tijd de hele gemeente bezoeken. Het grote voordeel daarvan is dat ik bij “doorsnee gemeenteleden” in normale situaties over de vloer kom. Normaliter kom je als predikant in een gemeente van deze grootte vooral in crisissituaties of bij een geboorte of overlijden bij gemeenteleden over de vloer. Nu is dat anders, en dat heeft me veel gebracht. Ik ontvang op deze manier impulsen hoe het christelijke leven in de dagelijkse praktijk vormgegeven wordt.’
Het idee om als ouderling te fungeren werd geboren naar aanleiding van een vacature die ontstond en de vraag of deze door krimp van het ledenaantal wel zou moeten worden ingevuld. Luiten haast zich echter te zeggen dat de invulling van de ambten nog niet voor problemen heeft gezorgd. ‘We kunnen nog goed aan ambtsdragers komen en dat is fijn, al zouden we wel graag willen verjongen. Maar dat is lastig, want jongeren zijn meestal in het spitsuur van het leven. De ambtsdragers worden bevestigd voor vier jaar, maar dat moet geen drempel zijn. Als men vier jaar te lang vindt, dan mag men het ook voor drie jaar doen. Ook zijn er enkele ouderlingen die niet elke vergadering bezoeken en zich vooral concentreren op het bezoekwerk.’
Grote stap
Bas Luiten spreekt met waardering over het werk dat de ambtsdragers doen en vindt die waardering ook terug in de gemeente. ‘Tegelijkertijd heeft men ook verwachtingen, van ouderlingen en natuurlijk ook van mij. Daarom ben ik erg blij met jaarlijkse functioneringsgesprekken. We hebben ook afgesproken dat ik eens in het jaar mee ga naar een huiskring om feedback te krijgen. Ik ervaar dat als een waardevolle terugkoppeling op mijn werk. Daardoor werd ik erin bevestigd dat het ambt belangrijk is en dat je elkaar nodig hebt. Het is een continue wisselwerking, waarin van hart tot hart wordt gesproken. Ik voel me daar heerlijk bij.
Ik vind hier veel geloof en mensen die er samen de schouders onder willen zetten, terwijl dat ook aangevochten wordt, want er zijn ontbindende krachten in de samenleving. Je voluit binden en geven aan een gemeente is nogal een grote stap tegenwoordig. Daarom ben ik blij met de toewijding die ik aantref bij velen.’
Voeling
In De Ontmoeting (NGK Voorthuizen/Barneveld, 900 leden) wordt onderscheid gemaakt tussen een kerkenraad en een pastorale raad. Men heeft in 2013 gekozen voor deze structuur. De aanleiding was het feit dat er een grote kerkenraad ontstond met gecompliceerde vergaderingen. Een onbevredigende situatie, aldus kerkenraadsvoorzitter Eric van Ommen. ‘In de vergaderingen waren de pastorale zaken meestal het sluitstuk. Op een gegeven moment ontstond de gedachte dat ouderlingen weer terug moesten naar hun corebusiness: het pastoraat.’
In een tussenjaar zijn verschillende opties onderzocht, waarbij ook overwogen werd om zogeheten ’taakouderlingen’ aan te stellen, die elk voor een ander werkveld verantwoordelijk zijn. Die optie viel uiteindelijk af omdat de wens was dat elke ouderling voeling zou moeten houden met de gemeente.
Momenteel vergaderen de kerkenraad en de pastorale raad elk eens in de twee maanden. Beide voorzitters zijn bij alle vergaderingen aanwezig om de continuïteit te waarborgen. De pastorale raad bestaat uit acht pastorale ouderlingen, twee jeugdouderlingen en één van de twee predikanten. In deze raad wordt alles wat met pastoraat te maken heeft besproken en dus ook beleidszaken. De kerkenraad bestaat naast de twee voorzitters uit twee ouderlingen, een jeugdouderling, een diaken en één van de twee predikanten.
Van Ommen: ‘In de kerkenraad worden zakelijke dingen geregeld. Dat kan gaan over het gebouw, de piano, de preekvoorziening of het orgel, maar ook over het aanstellen van een jongerenwerker. We hebben ook een commissie van beheer, die wordt aangestuurd door de kerkenraad.’
Als derde is er een moderamen, waarin de voorzitters van beide raden, een predikant, een pastorale ouderling, een diaken en de scriba zitting nemen. ‘Dit is het dagelijks bestuur. Die bereidt grote vergaderingen voor en is ook verantwoordelijk voor roosters en veel huishoudelijke zaken.’
Verplichting
Ton Veldhuizen, voorzitter van de pastorale raad, ziet als grote winstpunt van de aanpak in De Ontmoeting dat de vergaderdruk is afgenomen en er meer tijd is gekomen voor de belangrijke zaken. ‘Er is meer ruimte om uitgebreid over pastorale zaken door te spreken en daarbij kan iedereen zijn zegje doen.’ Tegelijkertijd zijn er valkuilen aan dit systeem, want het staat of valt bij een goede notulist en bij ambtsdragers die hun notulen goed lezen. ‘Als je je stukken niet leest, dan weet je niet wat er gaande is. Niet dat dit nu verkeerd gaat, maar het is wel een aandachtspunt.’
Eric van Ommen vult aan dat hij het een verplichting vindt van elke ambtsdrager dat hij op de hoogte is van wat er in de verschillende vergaderingen wordt besproken, zodat hij dit ook kan uitdragen binnen de gemeente. Daarnaast wijst hij erop dat in de afgelopen jaren ook meer aandacht is gekomen voor het stellen van prioriteiten. ‘We richten ons op enkele actiepunten per jaar, zodat we een duidelijke focus hebben. Dit geeft rust en overzicht.’
Voor het leven
Henk Bouma is voorganger in Huis van Vrede, een missionaire en multiculturele gemeente in Utrecht. De gemeente is voortgekomen uit een missionair project binnen de GKv. In deze gemeente gaat het er anders aan toe dan in de voorgaande gemeenten. Zo is er sprake van een huisraad in plaats van een kerkenraad. Wel wordt er onderscheid gemaakt tussen ouderlingen en diakenen. De ouderlingen zijn de onderwijzers van de gemeente. Ze preken in diensten en geven leiding aan huiskringen. De verantwoordelijkheid van de diakenen is samen te vatten met de drieslag: bed, bad en brood.
‘Je treedt als ouderling niet af,
behalve als je bijvoorbeeld verhuist’
Ouderling ben je in deze gemeente niet voor een periode, maar voor je leven. ‘Je treedt als ouderling niet af, behalve als je bijvoorbeeld verhuist’, vertelt Bouma. ‘Je kunt wel besluiten om een tijd niet bij de vergaderingen te komen. Er is nu een ouderling die anderhalf jaar de vergaderingen niet meer bezoekt.’
Bouma gebruikt graag het beeld van de kerk als familie. Op deze manier worden de bijeenkomsten van de huisraad (elke twee weken, het hele jaar door) ook benaderd. Ze zijn veel meer een familiegesprek dan een zakelijke bijeenkomst. ‘In de huisraad spreken we als familie met elkaar. Centraal staat een Bijbeltekst, die vervolgens ook centraal staat in de dienst op de eerstvolgende zondag en daarna tijdens huiskringen besproken wordt. Deze Bijbeltekst is dus anderhalve week lang een belangrijke tekst voor ons als gemeenschap. Het is fijn om daar tijdens de huisraad met elkaar over te spreken. We nemen daar lang de tijd voor. Daarna werken we losjes een agenda af.’
Groeipijntjes
Bouma vertelt dat er in de huisraad haast nooit over onderwerpen gestemd wordt, maar dat men meestal unaniem tot besluiten komt. ‘Ik geniet erg van de vergaderingen. Ze zijn geen belasting, maar geven mij energie. Ik heb in andere kerken weleens gemerkt dat kerkenraadsvergadering vermoeiend kunnen zijn. Mijn vader moest na een kerkenraadsvergadering vaak vrij lang Studio Sport kijken om weer een beetje afstand te nemen, terwijl ik juist heel veel energie krijg door samen als “familieleden” de Bijbel te lezen en te studeren.’ Bouma ervaart een cultuurkloof als hij vergaderingen van bijvoorbeeld een classis bezoekt, maar is blij dat ook daar de sfeer meer ontspannen wordt.
In de gemeente is de huisraad trouwens altijd op zoek naar nieuwe ouderlingen en daar is niet een speciale periode in het jaar voor. ‘We hebben geen verkiezing, maar als we denken dat iemand een goede ouderling zou zijn, dan benaderen we hem. Sommigen laten soms weten dat ze het nog niet zien zitten, maar dan vragen we ze om iets anders te doen en zoeken we naar een taak die beter bij hen past op dat moment.’
Nu de gemeente groeit, is er ook sprake van groeipijntjes en moet er iets meer structuur aangebracht worden. ‘Het minder georganiseerde model werkt minder goed met grotere groepen, omdat dingen niet meer automatisch gaan. Ook is het belangrijk om de zakelijke kant goed te regelen als je mensen in dienst neemt.’ Bouma geeft lachend aan dat de voorzitter van de huisraad gelukkig goed is in het structuur aanbrengen.
De foto’s bij dit artikel zijn afkomstig uit het fotoproject Blije Kerk, dat Maarten Boersema tweeënhalf jaar geleden gestart is. De foto’s tonen verschillende vormen van vergaderen.
Maarten Boersema is fotograaf, tekstschrijver en predikant.




