‘De Bijbel zegt dat het leven goed is, puur omdat God er is’

Harmke Zonneveld | 23 oktober 2021
  • Interview
  • Special Gelukzoekers

In onze maatschappij valt geluk te snel samen met genot, vindt theoloog en protestants predikant Willem Maarten Dekker. ‘Constant jagen wij van alles na wat ons gelukkig zou moeten maken, maar zelfs optimaal genieten is geen garantie voor geluk.’ Het is zinvoller geluk te zien als geschenk, zegt hij. ‘Geluk is net genade: het overkomt je.’

De overtuiging dat je zelf verantwoordelijk bent voor je geluk is echt iets van deze tijd, denkt Willem Maarten Dekker, auteur van het boek Domweg gelukkig, een theologische en filosofische verkenning over het streven naar geluk dat afgelopen juni uitkwam. ‘Wij vinden het streven naar persoonlijk geluk heel belangrijk, ons leven moet op alle fronten perfect zijn. Natuurlijk speelt onze welvaart daarin een belangrijke rol: doordat we veel kunnen bereiken en onze keuzemogelijkheden bijna eindeloos zijn, lijkt het leven maakbaar. Volgens mij is de daadwerkelijke oorzaak van dat extreme streven naar geluk echter niet onze welvaart, maar ons idee van autonomie. We denken zelf verantwoordelijk te zijn voor ons geluk.’

Ons geluk zelf in de hand hebben lijkt aantrekkelijk, maar heeft ook een keerzijde, aldus Dekker. ‘Natuurlijk is het fijn invloed en grip te hebben op hoe je leven verloopt, maar verantwoordelijk zijn voor je eigen geluk betekent ook schuld hebben aan je eigen ongeluk. Je kunt dus zomaar denken dat het je eigen schuld is als je geen geluk vindt of als je je niet gelukkig voelt. Dat is een recept voor veel problemen.’

In zijn boek gaat Dekker dieper in op het gedachtegoed van de bekende Vlaamse psychiater Dirk de Wachter die een verband ziet tussen de manier waarop onze maatschappij naar geluk kijkt en de toename van het aantal mensen met psychiatrische problemen. ‘Ondanks onze enorme welvaart voelen veel mensen zich ongelukkig. Als je de stress rondom alle keuzes die je hebt en het najagen van geluk niet aan kunt, kan je zomaar bij de psychiater in de wachtkamer belanden’, schrijft De Wachter. Daarom moeten we volgens hem leren omgaan met tegenslag en de ‘kunst van het ongelukkig zijn’ ons opnieuw eigen maken.’

Moeten we, volgens u, inderdaad leren ongelukkig te zijn?
‘Dat zal niet lukken, want de drang om te streven naar geluk zit veel te diep in ons. Daarom voldoet het antwoord van De Wachter niet. Ik denk niet dat we moeten leren om ongelukkig te zijn, maar om gelukkig te zijn óók als de omstandigheden in ons leven niet goed zijn. Daarin vind ik het Nieuwe Testament heel belangrijk. Jezus prijst de mensen gelukkig die niet gelukkig zijn. Gelukkig de treurenden, gelukkig de zachtmoedigen en gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, zegt Hij in de Bergrede. Volgens Jezus kan je dus gelukkig zijn zonder je gelukkig te voelen. Dat past niet bij deze tijd, maar het is wel hoe christenen door de eeuwen heen naar geluk hebben gekeken.’

Geïnspireerd door magazine OnderWeg? Neem een gratis proefabonnement.

Is de gedachte dat we zelf verantwoordelijk zijn voor ons geluk typerend voor deze tijd?
‘Die overtuiging is niet helemaal nieuw, maar wordt wel steeds sterker. Met dat voortdurende streven naar geluk tot gevolg. We moeten altijd maar genieten en we vinden ook dat we recht hebben op genot. Voor corona vlogen in mijn woonplaats Waddinxveen altijd vliegtuigen over, maar de afgelopen periode was het veel stiller. Mijn voorspelling is dat we, zodra het kan, weer massaal gaan vliegen. In mijn column in een huis-aan-huis-blad plaatste ik daar vraagtekens bij, maar dat riep veel boze reacties op. We hebben hard gewerkt voor ons geld, dus we hebben er recht op om daarvan te genieten, is de gedachte. Anders dan vroeger schamen we ons niet voor dat extreme jagen naar geluk. Eerder verzetten mensen zich er nog tegen, maar nu komen we er openlijk voor uit en vinden we het zelfs heel normaal.’

Waarom maakt veel genieten ons niet gelukkig?
‘Genot geeft ons misschien even een gevoel van geluk, maar echt geluk is er niet in te vinden. In mijn boek haal ik de Duitse filosoof Arthur Schopenhauer aan die zegt dat elk genot – hij noemt dat geluk – op een gegeven moment leidt tot verveling. Geluk is een doel en tegelijk verveelt het ons, waardoor we weer iets nieuws willen dat ons gelukkig moet maken. Volgens Schopenhauer kunnen we door dit mechanisme zelfs in de liefde niet gelukkig zijn, want de ander zal ons op den duur ook gaan vervelen. Een andere filosoof noemt ’tevredenheid’ als synoniem voor ons begrip van geluk. Geluk zelf is iets veel groters.’

De manier waarop we in onze maatschappij naar geluk kijken brengt de nodige spanning met zich mee, merkt Dekker. ‘Uit die spanning is mijn boek voortgekomen. Toen ik voor een christelijke studentenvereniging had gesproken over het streven naar geluk, vroeg een uitgever mij of ik mijn toespraak wilde omzetten in een boek. Die studenten voelden de spanning rondom dit thema namelijk haarfijn aan; zij zien dat er in de praktijk niet veel verschil is tussen de manier waarop christenen en niet-christenen omgaan met geluk. Zij halen hun geluksgevoel uit dezelfde dingen.’

De christelijke studenten voor wie Dekker sprak, vroegen zich af in hoeverre christenen kunnen meedoen in dat streven naar geluk. ‘Zij zagen dat het zoeken naar geluk zomaar immoreel kan worden, bijvoorbeeld als het een individualistisch streven wordt waarin je jouw persoonlijke geluk najaagt zonder je te bekommeren om je naasten. Het is bijvoorbeeld merkwaardig dat sommige rijke mensen de Zuidpool nog willen zien voordat die gesmolten is. Met hun leefstijl dragen ze enorm bij aan de verwoesting van onze planeet, maar ja, dan kunnen ze het bezichtigen van de Zuidpool wel van hun bucketlist afstrepen.’ Die immorele leefstijl zit heel diep. ‘In het Westen hebben wij omgerekend twee slaven per persoon in dienst. Ons genieten gaat te vaak ten koste van anderen zonder dat we het doorhebben.

(beeld Clips Fotografie, Jan van Woerden)

Sommige mensen proberen aan dat streven naar genieten in het hier en nu te ontsnappen door de nadruk te leggen op het vinden van geluk in gezondheid, yoga en mindfulness. ‘Maar zij gaan daar dan weer heel fanatiek mee bezig waardoor ook zij het geluk in het hier en nu verwachten’, legt Dekker uit. ‘Voor christenen is dat ook een zoektocht: is geluk te vinden in ons aardse leven of is het wachten op het leven na de dood? Vaak richten wij ons óf te veel op het aardse óf te veel op het hemelse.’

Vroeger leidde dat tot een splitsing tussen ‘normale’ christenen en monniken. ‘Monniken zagen af van aards bezit en richtten zich op de eeuwigheid, terwijl de rest zich met aardse zaken bezighield. Tijdens de reformatie kwamen die twee uitersten weer bij elkaar, maar daardoor is die speciale gerichtheid op God verloren gegaan.’ Momenteel zoeken christenen juist weer naar manieren om de wereld even de rug toe te keren. ‘Dat zie je bijvoorbeeld in de stille week, veel kerken beleggen dan elke avond een bijeenkomst. Ook de toename van het aantal kloosterweekenden en retraites vind ik opmerkelijk. Blijkbaar kunnen we ons in het leven van alledag heel moeilijk losmaken van het aardse. Natuurlijk heeft de Reformatie als ideaal gelijk en zou het mooi zijn als het ons lukt God in ons gewone leven te dienen, maar de rooms-katholieke oplossing houdt meer rekening met wat wij aankunnen. Blijkbaar hebben we die aparte momenten nodig, omdat de wereld ons zo leegzuigt.’

In uw boek bespreekt u allerlei zienswijzen op geluk. Hoe kijkt u zelf naar geluk?
‘Ik maak onderscheid tussen genot, geluk en zaligheid. In onze samenleving staat geluk gelijk aan genot, aan alles wat zijn basis vindt in lichamelijke sensaties zoals lekker eten, vakanties en seks. Het christendom ziet geluk juist niet als iets lichamelijks, maar als iets van de ziel. Ik koppel die drie graag los. Geluk moeten we zien als geschenk, als iets wat je overkomt. Je kunt het vergelijken met genade: dat kun je niet zelf bereiken of verwerven, dat overkomt je. Dat gebeurt bijvoorbeeld in relaties met andere personen of in relatie tot God.’

Als geluk iets is wat je overkomt, hebben we er zelf dan geen invloed op?
‘We moeten sowieso af van het idee dat we verantwoordelijk zijn voor ons eigen geluk. Genot kun je kopen, geluk niet. Natuurlijk kun je leuke vakanties boeken, maar of je je op vakantie ook gelukkig voelt, is niet te voorspellen. Wat we wél kunnen doen, is nadenken over de sfeer of de omstandigheden waarin geluk je kan overkomen. Geluk overkomt je bijvoorbeeld sneller in relaties met anderen, dus het kan goed zijn elkaar aan te moedigen om te streven naar echte relaties, zowel met medemensen als met God.’

Hoe komt het dat we juist in relaties met anderen geluk kunnen ontvangen?
‘Ervaren dat het goed is dat je er bent en dat het leven goed is, dát is volgens mij geluk. Het heeft geen zin om zoiets tegen jezelf te zeggen, daarvoor heb je anderen nodig. Ten diepste kan alleen God tegen je zeggen dat het goed is dat je er bent. De ervaring dat het leven goed is, kun je niet zelf bereiken, die moet je ontvangen vanuit het geloof dat God ons dit leven heeft geschonken en zo komen we weer uit bij genade. Jouw leven is niet pas goed als je iets hebt bereikt.’

Maakt de ervaring dat God ons leven gewild heeft, ons dan wel gelukkig?
‘Die ervaring kan je in elk geval verlossen van het streven naar geluk zoals dat in onze maatschappij gebeurt en de druk die we onszelf daarmee opleggen. Ik zie dat mensen op zoek zijn naar de rechtvaardiging van ons bestaan en die is uiteindelijk alleen in God te vinden. Geluk is gewoon niet hetzelfde als het nastreven van je eigen verlangen of het bouwen van je eigen paleis. De Bijbel gaat er zelfs vanuit dat het leven geen feest is. Het leven is moeilijk en wij zijn daar als zondige mensen zelf schuldig aan. Voor ons is het bijna niet te bevatten, maar in de Bijbel gaat het op bijna elke bladzijde over honger en oorlog. Toch zegt de Bijbel dat het leven goed is, puur omdat God er is. Zo kom ik weer uit bij de Bergrede waarin Jezus zegt: jullie zijn arm, jullie treuren en jullie lijden en toch noem ik jullie gelukkig, omdat God met jullie is.’

Dit artikel komt uit onze najaarsspecial Gelukzoekers. Bestel het extra dikke nummer nu via onze webshop!

Over de auteur
Harmke Zonneveld

Harmke Zonnebeld is journalist en tekstschrijver.

Meest gelezen

Willem Griffioen: ‘Ik verlang dat Jezus recht maakt wat krom is’

Willem Griffioen: ‘Ik verlang dat Jezus recht maakt wat krom is’

Elze Riemer
  • Interview
  • Ontmoeting

De vrijheid en blijdschap van het evangelie uitdragen – daar leeft voorganger Willem Griffioen voor. Dwars door tegenslag en tegenwerking heen blijft dit zijn drijfveer, als kerkelijk opbouwwerker in Zuid-Afrika, als gemeentepredikant en op dit moment als voorganger en pionier in Amsterdam.

Lees artikel
Frans Korpershoek: ‘Ik ben gaan omarmen wie ik ben’

Frans Korpershoek: ‘Ik ben gaan omarmen wie ik ben’

Wilfred Hermans
  • Achtergrond
  • Interview
  • Ontmoeting

Kijk je hem diep in het hart, dan is Frans Korpershoek een ondernemende wereldverbeteraar. In Maassluis en omstreken staat hij bekend als de oprichter van een goedlopende kringloopwinkel, al kent christelijk Nederland hem vooral als zanger van Sela. ‘Ik voel me nog steeds geen geweldige zanger, maar ik weet wel dat ik een boodschap goed kan overbrengen.’

Lees artikel
‘Een homo is meer dan zijn seksuele verlangens’

‘Een homo is meer dan zijn seksuele verlangens’

OnderWeg
  • Achtergrond
  • Interview
  • Thema-artikelen

Wolter Rose weet al sinds de jaren tachtig dat hij homo is. ‘Overtuigd door het evangelie van Christus’ koos hij voor een celibatair levenspad. En lange tijd was dat in de gereformeerde wereld de geëigende route, maar het tij keert. ‘Vroeger had je wat uit te leggen als je als homo een relatie aanging, nu ben ik degene die wat uit te leggen heeft.’

Lees artikel
Gertjan van Harten: ‘Ik ben niet gespaard, nee’

Gertjan van Harten: ‘Ik ben niet gespaard, nee’

Wilfred Hermans
  • Interview
  • Ontmoeting

In de muziek verkiest Gertjan van Harten – predikant van de GKv Spakenburg-Zuid – een rauwe schreeuw vol oprechte pijn boven een zoetsappig verhaaltje dat haaks op het leven staat. Hij kan het weten. ‘Ze zei: “Mama, ik ben zo bang.” Ik dacht: wij ook, meissie.’

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief