Er zijn nog heel wat oases van rust, veiligheid en trouw

Wim Dekker | 2 november 2019
  • Opinie
  • Special 2019

Ouders die voldoende zorg en liefde kunnen bieden, dragen zorg voor een veilige hechting. Maar een mens heeft niet genoeg aan een veilig gezin, hij heeft ook een betrouwbare samenleving nodig. Wim Dekker vraagt zich af in hoeverre wij nog een betrouwbare samenleving zijn. En hoe je moet leven in een wereld die zo veel mogelijkheden biedt en zich tegelijk onbetrouwbaar voordoet.

(beeld GODS_AND_KINGS/iStock)

(beeld GODS_AND_KINGS/iStock)

Wanneer sommige theologen of filosofen naar pasgeboren kinderen kijken, komen ze tot zeer negatieve of somber stemmende uitspraken. Heidegger, Sartre en de reformatorische traditie benadrukken bij het zien van zo veel kwetsbaarheid vooral de sterfelijkheid. Dan klinken er woorden als: ‘het leven als een gestadige dood’ of: ‘het zijn ten dode’.

Ouders kijken gelukkig anders in een wieg. Ook zij zien de kwetsbaarheid en zijn zich terdege bewust van de sterfelijkheid van hun kind. Wie net een bevalling heeft meegemaakt, hoef je in dat opzicht niets meer te leren. Maar wat overheerst, is het besef van nieuw leven, van toekomst. Dat doet iets met een vader of moeder. Als vanzelf zorg je, koester je, sla je beschermend je armen om je kind en wieg je het totdat het in slaap valt. Dat in slaap vallen vond ik zelf altijd de ultieme erkenning van het vaderschap. Alsof je kind zich aan je toevertrouwt, weet dat het veilig is, niet meer waakzaam hoeft te zijn. Kijkend naar mijn slapende kind proefde ik iets van de reikwijdte in de uitspraak ‘rusten in de palm van Gods hand’.

Hechting

De psychiater Bowlby heeft die zorg van ouders en de betekenis hiervan voor het kind uitvoerig bestudeerd. Hij ontwikkelde het concept hechting. Ouders die voldoende zorg, liefde en bescherming kunnen bieden aan hun kinderen dragen zorg voor een veilige hechting. Het kind ontdekt dat ouders steeds weer terugkomen en dus te vertrouwen zijn. Zelfs als ze boos geweest zijn.

Daartegenover staan ouders die, soms door ziekte of andere omstandigheden, die zorg niet (kunnen) bieden. Kinderen van deze ouders raken onveilig gehecht. De kwaliteit van de hechting is van grote invloed op het leven van een kind, tot ver in de volwassenheid toe. Een veilig gehecht kind staat volgens Bowlby met meer basisvertrouwen in het leven. En dat basisvertrouwen helpt om in de puberteit of later om te gaan met gevoelens van onzekerheid, angst en onveiligheid. Trouw ontmoeten en vertrouwen hebben zijn volgens Bowlby onlosmakelijk verbonden.

Geschokt realiseer jij je dat je je ziel
ergens onderweg bent kwijtgeraakt

Vanzelfsprekend zijn ouders de eersten die een kind trouw moeten bieden. Maar de ontwikkeling van een gezonde hechting is niet alleen afhankelijk van ouders. Naarmate een kind ouder wordt, wordt ook zijn wereld groter. Daarin kan een kind trouw ontmoeten, maar ook geconfronteerd worden met trouweloosheid. Toen mijn kinderen naar de basisschool gingen en ik daar zelf ook weleens rondliep, realiseerde ik mij dat zo’n schoolplein net een slagveld is. En wie volwassenen hoort terugkijken op hun jeugd, weet hoezeer pesten op school een aspect kan zijn van onveilige hechting. Blijkbaar heeft een mens niet genoeg aan een veilig gezin en heeft hij ook een betrouwbare samenleving nodig. Hiermee zijn we bij de eerste kern van dit artikel: in hoeverre is onze samenleving een betrouwbare samenleving?

Risicosamenleving

De toonaangevende denkers over de hedendaagse samenleving zijn op dit punt tamelijk gelijkdenkend. Dat blijkt al uit de kernbegrippen waarmee zij die typeren. De een heeft het over een ‘risicosamenleving’ (Ulrich Beck), de ander over een ‘vloeibare samenleving’ (Zygmunt Bauman) en een derde benadrukt de ‘geglobaliseerde samenleving’ (Anthony Giddens). Maar welke term zij ook gebruiken, ze benadrukken allemaal dat de samenleving steeds minder het karakter van een ‘thuis’ biedt. In het verleden veranderde de samenleving maar langzaam en werd die gekenmerkt door kleinschaligheid. Mensen brachten in het algemeen hun leven door in kleine gemeenschappen. Nou, dat is veranderd. Mensen raken door marktwerking, de voortgaande technische ontwikkelingen, de opkomst van internet en sociale media, kortom door globalisering, steeds meer onthecht. Mensen verhuizen vaker, wisselen sneller van baan, trekken voor hun werk of voor hun vakanties de wereld over en beschikken over een vervoermiddel waarmee ze jaarlijks zo’n tien- tot twintigduizend kilometer afleggen. Onze wereld is niet langer een vertrouwde wereld waarin wij ons thuis voelen.

Per saldo ervaren velen het leven
als een rad van fortuin

Dat wil niet zeggen dat die wereld per se als onherbergzaam wordt ervaren. Velen hebben het gevoel dat de wereld voor hen open ligt. Het leven als een ontdekkingstocht, als een wereld vol mogelijkheden. Maar niet altijd. Als het tegenzit in het leven lijkt die wereld opeens een wildernis en voelen mensen zich verloren. Waar je aan het begin van je carrière het gevoel had je leven nog voor je te hebben, kun je als dertiger opeens tot de ontdekking komen dat het werk veeleisend is en dat je week een aaneenrijging van verplichtingen is. Geschokt realiseer jij je dat je je ziel ergens onderweg bent kwijtgeraakt. En ondertussen tikt de biologische klok. Moet je ook nog een kind op de wereld zetten. Hetzelfde geldt voor ouderen. Ze begrijpen de tijd, de wereld en de cultuur van hun kinderen niet meer. Vervreemd. Zoals een dement iemand in zijn geest de weg kwijt is geraakt.

Onbetrouwbaar

Het is nu alsof dit verdwaald-zijn vooral het gevolg is van het verliezen van overzicht. Alsof het aan jezelf ligt. Maar die vervreemding is lang niet altijd het gevolg van verkeerde keuzes. Het is de wereld zelf die grillig is en daarmee onbetrouwbaar. Het klimaat verstikt ons; de zeespiegel stijgt; politieke leiders als Trump, Poetin en Johnson ogen onbetrouwbaar; technische innovaties volgen elkaar onnavolgbaar snel op en we hebben net weer een economische crisis achter ons. Het leven gaat gewoon te snel om koers te houden.

Daar komt bij dat instituten die voorheen garant stonden voor basisvertrouwen – het gezin, de kerk en zelfs de school – hun geborgenheidsfunctie verliezen. Wie zondag in de kerk zit, hoopt daar God te ontmoeten. Maar wie om zich heen kijkt en merkt dat het aantal jongeren verder afneemt, bekruipt steeds vaker het gevoel dat God het er ook bij laat zitten. In de klas tref je soms drie keer per week een andere leerkracht en is het onderwijs geïndividualiseerd.

De moderne mens is een radarmens

Per saldo ervaren velen het leven als een rad van fortuin. Soms win je, soms verlies je. En gelukkig winnen we meestal, maar iedereen voelt dat het geluk zich op enig moment tegen ons zal keren. Inderdaad, een risicosamenleving.

Wanneer wij het beeld van Bowlby over hechting hierbij betrekken, doet de wereld zich dus voor als een onbetrouwbare ouder. Je weet nooit zeker of die ouder terugkomt. Je kunt je er niet aan hechten. Je moet voortdurend op je hoede zijn. Daarmee zijn we bij de tweede kern van dit artikel. Want hoe leef je in een wereld die zo veel mogelijkheden biedt en zich onbetrouwbaar voordoet?

Radarmens

Veel sociologen stellen dat individualisering het antwoord is van de mens op deze samenleving. Mensen kunnen in een grillige samenleving niet veel anders dan voortdurend berekenend om zich heen kijken hoe zij de omstandigheden en hun medemensen optimaal kunnen benutten voor hun eigen zelfontplooiing. De moderne mens is een radarmens. Juist onder onbetrouwbare omstandigheden moet je risico’s inschatten, kansen pakken en je voortdurend bewust zijn van je mogelijkheden en je beperkingen. De ander is de hel, zei Sartre. Anders gezegd, elk mens kan je ontplooiing in de weg staan.
Helemaal ongelijk hebben deze sociologen en Sartre niet. Moderne mensen, wij dus, leven zo. Peilend, inschattend, berekenend. Het is het mensbeeld dat past bij onze neoliberale samenleving. Ontrouw als overlevingsmechanisme.

Oases

Er is ook een andere optie. Er zijn mensen die de wereld zo veel mogelijk aan zich voorbij laten gaan. Ze houden zich afzijdig en leven volgens vaste patronen. Dat kan op trouw lijken. Dan is het haast een getuigende leefstijl, zoals mannen of vrouwen in een klooster. Maar vaak is het vooral ingegeven door angst en niet door liefde. Het verbergen van je talent in de akker. Wanneer de risicosamenleving zich opdringt, slaat de paniek toe.

Maar daarmee is niet alles gezegd. Het schiet tekort. Niet alleen moreel, maar ook als beschrijving van het gewone leven. Vanavond nog liepen mijn vrouw en ik in het schemerdonker voor een wachtende auto langs. De chauffeur keek alleen naar links, zag dat de fietser voorbij was en gaf gas. Bijna mijn vrouw overreden. Ik keek boos, maar zag de enorme schrik op zijn gezicht. Hij deed direct zijn deur open en putte zich uit in verontschuldigingen. Een goede man. Zwaaiend gingen wij weer uit elkaar.

Een ander voorbeeld uit een onderzoek van mijn werk. Ergens woont een kleuter met een onrustige thuissituatie. Een vrijwilligersorganisatie heeft voor dit kind een ouder echtpaar gevonden dat elke woensdag om drie uur met dit meisje naar het tuincentrum gaat. Daar kijken ze naar de vissen, speelt het meisje in de ballenbak en krijgt het om vier uur een saucijzenbroodje. Meer doen deze alsof-opa en -oma niet. Maar wel elke woensdag. Het meisje leert wat betrouwbaarheid is. De moeder heeft rust en krijgt weer ruimte voor haar dochter.

Hoe grillig onze samenleving ook is, er zijn nog heel wat oases van rust en veiligheid. Oases waarin we goedheid ontmoeten, rust vinden, hoop krijgen op betrouwbaarheid.

De socioloog Zygmunt Bauman maakt juist deze goedheid tot de moraal van zijn maatschappijanalyse. De wereld is inderdaad onbetrouwbaar. Mensen worden aangezet tot individualisering. Maar het leven is geen lot. Bauman geloofde in de kracht van ethiek en hoopte zo onze passiviteit te doorbreken. In de sociologie is dat een tamelijk unieke positie. Onvermoeibaar wees hij steeds weer op het gelaat van de ander. Hij geloofde dat een mens, oog in oog met de kwetsbaarheid van de ander, de keuze heeft om zijn gelaat niet af te wenden, maar zich te richten op die ander, hem onderdak te bieden. Dat is het ware mens-zijn. Trouw zijn aan wie je nodig hebben. Het onthechte leven achter je laten en werken aan een samenleving die verbindt, betrouwbaar is en zo veiligheid biedt.

Verbond

Vanuit de christelijke traditie kan het begrip verbond hierbij een motiverende rol spelen. God heeft aan mensen en de schepping een belofte van trouw gedaan. Daarmee is alles in relatie tot Hem en tot elkaar gesteld. Wij zijn onlosmakelijk met Hem en met elkaar verbonden. En elke keer weer creëert Hij oases van rust en betrouwbaarheid in relatie tot Hem en tot elkaar. Het opmerkelijke is dat God zich hierbij bedient van zeer eenvoudige handelingen om aan zijn trouw uitdrukking te geven. Hij woont bij mensen, ontvangt ons in zijn huis, wast de voeten van zijn bezoekers, breekt brood, schenkt wijn, zalft zieken. De christelijke sacramenten zijn een bevestiging van het gewone leven.

Het mag ons motiveren om er dan ook voor elkaar te zijn of met elkaar te worstelen tot wij een manier van leven met elkaar gevonden hebben. Elke keer weer opnieuw op zoek naar trouw in de zin van duurzaamheid, verantwoordelijkheidszin en openheid. Omdat wij verbindingen met anderen zijn aangegaan. Omdat mensen op ons rekenen of ons nodig hebben. En dat juist in de gewone dingen van het leven. God doet dat al heel lang.

Om over na te denken

1. Wanneer werd je voor het laatst getroffen door een diep gevoel van geluk? Wat kenmerkte dat moment? Wie waren erbij betrokken? Kun je dat moment verbinden met trouw?

2. Breng onder woorden welke dingen bij jou opkomen als je denkt aan het woord ‘thuis’. Het kunnen ook beelden, geuren, kleuren of anekdotes zijn. Wat zegt dit over je verlangen?

3. Wat geeft jou in je werk, in de samenleving of in de kerk gevoelens van geborgenheid, onherbergzaamheid, plezier en het gevoel deel te nemen aan een ratrace?

4. Wie zit er in je wijk, op je werk, in jouw nabije samenleving te wachten op jouw trouw? Wat weerhoudt je?

5. Mensen die genezen zijn van een ernstige ziekte geven steevast aan dat zij ontdekt hebben wat er echt toe doet in hun leven: hun gezin, ontspannen genieten van de natuur, thuiskomen. Waarom lukt het de samenleving elke keer weer om ons weg te houden bij de essentie van ons bestaan?

Over de auteur
Wim Dekker

Wim Dekker is associate lector en docent-onderzoeker aan de CHE.

Meest gelezen

Gods stem herkennen: manieren waarop God spreekt

Gods stem herkennen: manieren waarop God spreekt

Ronald Westerbeek
  • Opinie

God spreekt graag met ons. Verwachten we zijn stem te horen? Zijn we aandachtig? En herkennen we de verschillende manieren waarop Hij tot ons spreekt?

Lees artikel
Belijdenis doen: waarvoor, waarover, voor wie?

Belijdenis doen: waarvoor, waarover, voor wie?

Jos de Kock
  • Opinie
  • Thema-artikelen

Waar is het goed voor, belijdenis doen? Waar gaat het eigenlijk over? En voor wie is het bedoeld? Een praktische analyse van deze vragen.

Lees artikel
Waarom sport van weinig nut is

Waarom sport van weinig nut is

Rob van Houwelingen
  • Opinie
  • Thema-artikelen

'Oefen u in de godsvrucht. Want de oefening van het lichaam is van weinig nut, doch de godsvrucht is nuttig tot alles, daar zij een belofte inhoudt van leven, in heden en toekomst', schrijft Paulus in 1 Timoteüs 4:7b-8 (NBG-vertaling 1951). Anders gezegd: we kunnen beter ophouden te sporten. Of toch niet?

Lees artikel
Over de kerk als bruid van Christus

Over de kerk als bruid van Christus

Hans Schaeffer
  • Opinie
  • Thema-artikelen

In de uitdrukking ‘gemeente van Jezus Christus’ klinkt door dat de gemeente van Jezus is, zoals een bruid van haar bruidegom is. De gemeente is bruid van Christus. Dat beeld heeft diepe, oudtestamentische wortels. Hoogleraar praktische theologie Hans Schaeffer bespreekt verscheidene aspecten van dat Bijbelse beeld van het verlangen naar de bruiloft als bruid van Christus.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief