Single in Gods huisgezin
- Interview
- Thema-artikelen
Overdrijft de kerk de schoonheid van het huwelijk? Is er sprake van een gezinnetjescultuur? Word je als alleenstaande extra ingezet voor allerhande klusjes, ‘omdat je toch niks te doen hebt’? Drie singles en een pasgetrouwde vrouw uit de NGK Oegstgeest delen hun wel en wee over het sololeven in Gods huisgezin.
Wie is wie?
Matthijs de Graaf (35), projectmanager bij Nuon, woont in Leiden.
Arjette Kuipers (35), werkt als pionier voor de PKN in Amsterdam-Noord en geeft workshops voor singles, woont in Leiden.
Hester de Haan (35), gezondheidszorgpsycholoog, is vorig jaar getrouwd, woont in Leiden.
Remmie Hartman (70), werkte als leerkracht en vervolgens als onderwijsadviseur, woont in Leiden.
‘Toen ik op een zekere zondag na de kerkdienst eens aan het koffiedrinken was, ontstond er een gesprekje met een ouder echtpaar. De vrouw vroeg plompverloren aan me: “Waar is je partner?” Ik zei: “Ik heb geen partner.” Zij: “O, maar je bent nog jong.” “Ik ben 35”, zei ik. “Oké, maar dat is helemaal niet zo jong meer, toch?” Even later had ik een praatje met iemand anders. Zij had een nieuwe vriend. Hij zei: “Hoi, waar is jouw vriend?” Hahaha, snap je?’
Aan het woord is Arjette Kuipers, inmiddels een jaar of vijf betrokken bij de NGK Oegstgeest. In haar kerkelijke gemeente ‘vinden vooral oudere mensen toch wel dat je getrouwd hoort te zijn’, is haar ervaring. ‘Dat is wel een beetje het verwachtingspatroon.’
Matthijs de Graaf, die al een jaartje langer meeloopt in de Oegstgeester kerk, herkent wat Arjette zegt. ‘Ik had precies dezelfde ervaring afgelopen jaar bij het ophangen van de kerstversiering. Een oudere vrouw vroeg me hoe mijn partner eigenlijk heette. Waarop ik antwoordde: “Die heb ik niet.” Haar reactie daarop was eigenlijk gewoon vermakelijk: “O, sorry, sorry, sorry!” zei ze, alsof ze een onbespreekbaar onderwerp had aangeroerd.’
Wat leuk, je kleinkind!
Remmie Hartman komen de voorbeelden heel bekend voor, zegt ze. ‘Maar aan mij worden andere vragen gesteld. Ik ben afgelopen zondag 70 geworden, dus ik ga al wat langer mee. Als ik bijvoorbeeld een kind meeneem naar de kerk, reageren mensen verrast: “Hé, wat leuk! Je hebt je kleinkind bij je!”’
Over het algemeen spreken mensen in de kerk je echter nauwelijks op je singlestatus aan, weet Remmie. ‘Ze vragen er niet naar. Het zal heus geen desinteresse zijn, nee, dat geloof ik niet.’
‘Misschien is het uit voorzichtigheid’, oppert Hester de Haan. Ze is ‘na een vrij lange periode als single’ afgelopen najaar getrouwd, en kent de thematiek dus van twee kanten. In haar singletijdperk was de kerk ‘een belangrijke, maar soms moeilijke plek’, vertelt ze. ‘Als gastvrouw zag ik ’s zondags al die gezinnetjes naar binnen huppelen, lekker vanuit hun warme nestje hiernaartoe gekomen. Maar ik had me voor mijn gevoel uit m’n huis moeten hijsen om daar te zijn. Dat was soms een raar contrast.’
Arjette herkent zich daar wel in, zegt ze. ‘Maar eerlijk gezegd vind ik het ook wel heel mooi als mensen trouwen en kinderen krijgen.’
Remmie: ‘Vooral de laatste tijd merk ik dat ik me er fysiek moeilijker toe kan zetten om naar de kerk te gaan. Dan denk ik: niemand zal me missen als ik vandaag een keer lekker thuisblijf. Dat bedoel ik niet zielig, hoor. Ik vind het ook helemaal niet erg om na een dienst weer alleen naar huis te gaan.’
Arjette: ‘O, dat vind ik dan juist weer wél lastig. Je hebt zo veel gezelligheid met een hele groep, maar iedereen heeft afspraken met elkaar en jij gaat weer in je eentje terug.’ Remmie: ‘Ik denk dat ik me op dat vlak een beetje gewapend heb. Daar ben ik sterker in geworden.’
Meer aandacht
De singles van de NGK Oegstgeest hebben zo allemaal hun eigen ervaringen in de omgang met gemeenteleden. Hoe zit dat eigenlijk met de invulling van de kerkdiensten en de vormgeving van de liturgie? Maakt het dan verschil of je onderdeel bent van een gezinnetje of als single in de bank zit?
Volgens Remmie vormen vooral kinderen een heel speciale doelgroep in de kerk. ‘Als je kijkt naar de dienst op eerste kerstdag: die is vooral op kinderen gericht. Ik wil liever een preek horen, ik hoef niet per se van die toneelstukjes. Op dat soort momenten voel ik me wel alleen.’
‘Het is maar de vraag of je het huwelijk Bijbels gezien kunt laten prevaleren boven een celibatair leven; Jezus was nota bene zelf single’
Matthijs: ‘Je ziet het ook terugkomen in het wekelijkse kindermoment. Maar ja, er is ook wel veel voor te zeggen om ze extra aandacht te geven. In preken zou wel wat meer aandacht voor singles mogen zijn, wat mij betreft. Al noemde onze dominee ze een tijdje geleden een keer heel expliciet. Hij had het over alleenstaanden of vrijgezellen die in hun eentje een heel huishouden moeten zien te runnen. Toen dacht ik: wow, wat fijn!’
Arjette herinnert zich een prekenserie over relaties, met een speciale dienst die betrekking had op singles. ‘Dat vond ik supergoed, maar de week erop was er een preek over het huwelijk en die was zoveel uitbundiger qua inhoud. Tja…’
‘Ik heb sowieso een hekel aan preken over het huwelijk’, zegt Remmie. ‘Ik hoor dat het liefst van tevoren, dan weet ik dat ik niet hoef te komen.’
Paradijselijk
Wordt het huwelijk of gezinsleven in de kerk te veel als paradijselijk erfgoed bejubeld? ‘Ja’, zegt Arjette, ‘maar het is de vraag of dat erg is. Ik zou zelf ook best graag een relatie hebben. Ik vraag me dus af: is het iets kerkelijks of is het iets menselijks? Hoe dan ook, de kerk hoeft wat mij betreft niet het één boven het ander te stellen. Het is ook maar de vraag of je het huwelijk Bijbels gezien kunt laten prevaleren boven een celibatair leven. Jezus was nota bene zelf single. Ook Paulus schreef er zeer genuanceerd over. En kijk naar de kloostertraditie, die geeft een interessant perspectief op een leven als single.’
Dat Jezus single was, lijkt een zeer Bijbels gegeven. Maar alleen was Hij niet; bijna altijd wist Hij zich omringd door vrienden en discipelen. Arjette: ‘Ik denk weleens na over leven in een woongemeenschap. Je hebt dan verbinding met mensen, relaties. Dat zou me een zeker perspectief geven.’
Biedt de kerk een dergelijke vorm van gemeenschapsleven dan niet? ‘Je wordt bij ons niet echt uitgenodigd na de dienst hoor’, lacht Arjette. ‘Nou ja’, reageert Hester, ‘afgelopen oud en nieuw waren er verschillende gemeenteleden die hun huis openstelden voor gezelligheid; iedereen was welkom. Dat vond ik wel heel leuk.’
Remmie voelt zich ’te oud’ voor dat soort evenementjes. ‘Leuk dat het gebeurt, hoor, maar ik zit op zulke momenten thuis ook wel prima.’
Ondervraagd of overvraagd?
Remmie is een paar weken geleden bevestigd als diaken. Zijn singles een makkelijke prooi voor kerkenwerk? ‘Ze hebben immers weinig omhanden.’ Precies zo weinig omfloerst werd dat inderdaad eens tegen Matthijs gezegd, vertelt hij. ‘Het celibaat was een zegen, zei iemand mij, want daardoor had ik meer tijd voor de gemeente. En dat werd dan gezegd door iemand die zelf vier kinderen heeft met allemaal geweldige eigenschappen waar hij heel erg trots op is. Dat zijn wel momenten waarop je even tot tien moet tellen.’
Matthijs heeft naar eigen zeggen ‘een leercurve’ doorgemaakt in zijn beschikbaarheid voor kerkenwerk. ‘In m’n vorige gemeente was ik heel actief, maar ik pleegde toen roofbouw op mezelf. Er vond een ongezonde verschuiving plaats van “actief uit dankbaarheid” naar “actief uit verantwoordelijkheidsgevoel”. Toen ik hier in Oegstgeest lid werd, heb ik meteen gezegd: ik doe het eerste jaar helemaal niks. Al vragen jullie me theelepeltjes rond te brengen.’
Hester: ‘Als je single bent, heb je niemand die op een gegeven moment aan de bel trekt en zegt: hé, ik zie je ’s avonds zo weinig meer, gaat het wel goed met je, ben je niet te druk? Zo iemand heb je wel nodig, merk ik nu.’
Een zekere rust
Ook het omgekeerde zou natuurlijk het geval kunnen zijn: voor ambten en andere vormen van kerkenwerk worden bij voorkeur vrouwen en mannen met gezinnen gevraagd, omdat zij weten wat het is om een gezin te besturen. Dus dan lukt het hen met het huisgezin van God ook wel, zo is de gedachte. ‘Volgens mij is er een goeie mix in onze kerkenraad hoor’, zegt Hester. ‘Twee van de twaalf leden zijn single. Dus nee, dat standpunt zie ik in de samenstelling van onze kerkenraad niet terug.’
‘In preken komt vaak naar voren dat er heel traditioneel wordt gedacht in de trits kinderen-jongeren-ouderen’
Wat is voor Hester eigenlijk de meest in het oog springende verandering geweest sinds ze een relatie heeft? ‘Ik denk dat ik sindsdien meer context in mijn leven heb’, antwoordt ze. ‘Je hoort bij iemand. Er is iemand die naar je luistert en op de rem trapt als je te hard gaat. Bepaalde ongemakkelijkheden verdwijnen. Ja, dat soort dingen. Er is een zekere rust in mijn leven gekomen.’
Arjette: ‘Begrijp ik! Single zijn kan soms voelen als een open boek, dat nooit uit is.’ Hester: ‘Precies ja. Je kunt het niet definitief dichtdoen, want er kan altijd iemand in je leven komen.’
Over de vloer
Kan de kerk dingen anders of beter doen om het klimaat voor singles binnen de gemeente te veraangenamen? Wat Remmie betreft wordt het maandelijkse koffiedrinken na de kerkdienst afgeschaft. ‘Als we in plaats daarvan elkaar uitnodigen, kom je veel meer bij gemeenteleden over de vloer. Ik denk dat we elkaar op die manier beter zouden leren kennen. En ik vind het gezellig om op de koffie te gaan bij een gezin. Of laat ze bij mij komen: hartelijk welkom!’
Wat Hester betreft kan een kleine paradigmaverschuiving onder met name predikanten ook geen kwaad. ‘In preken komt vaak naar voren dat er heel traditioneel wordt gedacht in de trits kinderen-jongeren-ouderen. Volgens mij kun je beter een indeling maken in burgerlijke staat. De levens van singles in diverse leeftijdscategorieën vertonen meer overeenkomsten dan de levens van leeftijdsgenoten van wie de één single is en de ander een gezin heeft.’
Als het aan Arjette ligt, komt er in de kerk meer aandacht voor daten. ‘Ik denk dat veel singles er voortdurend over nadenken met iemand te daten, maar dat ze daarbij wel wat tips kunnen gebruiken. Hoe pak je zoiets nou aan? En hoe ga je verder als het klikt? Het lijkt mij in ieder geval plezierig daar met mensen uit de kerk op een leuke, ontspannen manier van gedachten over te wisselen.’
Voor Matthijs hoeft er niet zo veel veranderd te worden. ‘Ik zou vooral tegen onszelf willen zeggen: laten we het een beetje luchtig houden, er niet te veel lading aan geven. En verder vind ik het fijn dat ik binnen de kerk in aanraking kom met vrouwelijke leeftijdsgenoten, veel meer dan bijvoorbeeld op mijn werk. Tja, je kunt een boekje lezen over hoe je dat aanpakt, maar dit werkt natuurlijk veel beter.’
Jasper van den Bovenkamp is journalist bij Tekstbureau Vakmaten.




