Hoe kun je twintigers bij de gemeente betrekken?
- Jeugdwerk
- Opinie
- Thema-artikelen
Je bent er, maar nooit voor lang. Altijd weer in beweging. Tussen kerk en stad. Tussen studie, stage en werk. Tussen eigen huis en ouderlijk huis. Je tas is vaker ingepakt dan uitgepakt. Echt thuis ben je nergens. Wat moet jij, twintiger, bij de kerk?
Veel twintigers ervaren onrust. Ze weten niet meer waar hun thuis is en vallen kerkelijk gezien vaak tussen wal en schip. Ze zijn (nog) niet gesetteld en lijken daardoor voortdurend onderweg te zijn van tussenstation naar tussenstation.
Sinds de herfst van 2014 doe ik als pionier voor twintigers namens de GKv Classis Rotterdam onderzoek naar de vraag waarom twintigers wel of niet aanhaken bij de GKv. Waar hebben ze behoefte aan?
Onder twintigers zie je vaak het pingpongbalsyndroom
Ik ben zelf tussen mijn achttiende en dertigste vaak verhuisd voor studie, stage en werk. Ik voelde mij in die tijd vaak een pingpongbal. Verbinding zoeken met de kerkelijke gemeenten in de verschillende plaatsen waar ik woonde verliep moeizaam, want ik wist dat dit tussenstations waren en dat ik nergens lang zou blijven. Tegelijkertijd was de kerk van mijn ouders, waar ik gedoopt ben en waar ik belijdenis heb afgelegd, ook niet meer ‘mijn’ kerk. Sociale contacten verwaterden en ik kwam er te weinig om betrokken te blijven.
Dit ‘pingpongbalsyndroom’ zie je veel onder twintigers. Ze zijn ongrijpbaar voor kerken en ouders, en misschien ook wel voor zichzelf. Wat hebben deze jonge mensen nodig om te blijven geloven en in verbinding te staan met andere geloofsgenoten? En wat zijn hun beweegredenen om zich wel of niet bij een kerk aan te sluiten?
Snakken
‘Als ik mij op een doordeweekse dag verslaap en te laat op mijn werk kom, dan heeft dat consequenties. Als ik mij op zondag verslaap en niet naar de kerk ga, gebeurt er niets’, zegt een 25-jarig gemeentelid.
Mis je iets wanneer je niet naar de kerk gaat? Dat is een vraag die twintigers stellen. Hoe relevant is de kerk voor mijn geloofsleven?
Veel twintigers vinden de kerk als instituut niet aantrekkelijk. Tegelijk denken ze niet dat ze in hun eentje kunnen geloven. Ze snakken juist naar inspirerende christenen en een goed verhaal. Ze willen graag opgebouwd worden in hun geloof en kampen met grote geloofs- en levensvragen.
Vaak raken de kerkdiensten echter niet aan die vragen. Dus waarom zou je dan naar de kerk gaan?
‘Omdat het hoort’ is niet voldoende. ‘Omdat de Bijbel het zegt’ is ook niet genoeg. Het is daarom belangrijk dat we de relevantie van de kerk laten zien in ons eigen leven en uitleggen waarom we naar de kerk gaan.
Gearrangeerd huwelijk
‘Je vraagt me waarom ik me niet bij de vrijgemaakte kerk heb aangesloten. Wat mij betreft kun je me ook vragen waarom ik niet kies voor een protestantse kerk of evangelische gemeente. Er zijn heel veel groeperingen die echt voor God gaan. De keuze voor een geloofsgroep is mijn eigen keuze, die niet bepaald hoeft te worden door waar ik ben opgevoed’, zo zegt een 23-jarig, voorheen vrijgemaakt gemeentelid.
Twintigers geven een kerk niet veel kansen
om een eerste indruk te maken
Het ‘gearrangeerde huwelijk’ (in één en dezelfde kerk geboren worden, trouwen en altijd lid blijven) verliest ruimte. Twintigers benaderen het zoeken van een kerk net zoals ze daten. Ze bezoeken verschillende soorten kerken met een open vizier, onderzoekend of het iets voor hen zou kunnen zijn.
De eerste indruk van een kerk(dienst) is belangrijk: Hoe gastvrij worden bezoekers onthaald? Worden ze aangesproken? Zijn er bekenden aanwezig? Zijn er leeftijdsgenoten? Is de website van de kerk up-to-date en worden de juiste aanvangstijden vermeld? Twintigers geven een kerk niet veel kansen om een eerste indruk te maken.
Veroordeling
‘Het voelt alsof de kerk een club met voorwaarden is. Je moet voldoen aan het plaatje en ik voldoe niet. Single zijn in de kerk is moeilijker dan daarbuiten. Het hoogste ideaal in de kerk is het huwelijk, getrouwd zijn is de norm. Daar heb ik wel moeite mee. Binnen de kerk voel ik mij als single eenzamer dan daarbuiten’, zegt een 30-jarig gemeentelid (single).
Wie zijn wij als kerk? Hoe toegankelijk zijn we voor mensen met een verhaal dat afwijkt van onze eigen standaard? Is er een ultieme christelijke levensstijl en wie voldoet daaraan?
Twintigers die in hun leven afwijken van de standaard ervaren in de kerk vaak veroordeling. Hun verhalen zijn divers: singles, kinderen van gescheiden ouders, homoseksuelen, samenwonenden, mensen met een andere kerkelijke achtergrond, mensen met een ongelovige partner. Zij ervaren moeilijkheden door hun omstandigheden en daardoor een drempel om naar de kerk te gaan. Hoe gaan wij om met deze verhalen en de mensen achter de verhalen?
Speerpunten
Vanuit verhalen als deze heb ik vier speerpunten geformuleerd waaraan een relevante kerk zou moeten voldoen:
1. Community. Zorg voor geloofsgroepen waar een goede sfeer hangt, waar men gastvrij is en waar men oog heeft voor elkaar. Waar levens worden gedeeld en inspirerende medechristenen worden ontmoet.
2. Relevante boodschap. Breng een prikkelende, inspirerende, kwetsbare boodschap, die aanhaakt bij de vragen en belevingswereld van twintigers en die handvatten geeft om het geloof vorm te geven in het leven van alledag.
3. Deelnemer zijn. Zorg voor geloofsgroepen waarin je niet alleen toeschouwer bent, maar ook deelnemer, door middel van inspraak, goed leiderschap en ruimte voor talentontwikkeling.
4. Ruimte. Bied ruimte voor verschillende vormen en uitingen die de boodschap versterken. Denk aan ruimte voor muziek (band/combo), afwisseling, doordachte liturgie, interactie en een heldere structuur van de dienst.
Twintigers stellen relevante vragen. Waarom we kerk zijn, waarom we naar de kerk gaan, of je ook kunt geloven zonder de kerk. Durf jij zonder agenda naar hen te luisteren? En durf jij te laten zien wat het geloof voor jou betekent?
Elisabeth de Bruijn is pionier voor twintigers namens de GKv Classis Rotterdam en verbonden aan de GKv's Centrum en Delfshaven.



