Pinksteren: de kers op de taart
- Eyeopener
De aarde heeft een rijke oogst gegeven,
God, onze God, zegent ons.
(Psalm 67:7)
Heb je je weleens afgevraagd waarom de Geest werd uitgestort op de pinksterdag? Pinksteren werd in Israël al lang gevierd als het zogenoemde Wekenfeest of Sjavoeot. Dat werd in het Grieks Pentekoste genoemd, waar ons woord ‘Pinksteren’ vandaan komt. Het was geen toeval, heel bewust heeft God de vijftigste dag na Pasen uitgekozen om zijn Geest te geven.
Pasen en Pinksteren hebben diepe wortels in de geschiedenis van Gods volk. Het eerste Pasen – of Pesach – vond vlak vóór de uittocht uit Egypte plaats. Toen het volk Israël nog in het slavenhuis van Egypte leefde en de farao met tien plagen bestookt werd, werd Pesach ingesteld (Exodus 12). Met de jassen aan moest men deze maaltijd vieren als begin van de tocht naar het beloofde land. Dwars door de Rode Zee reisde het volk achter de vuurkolom aan naar de berg Sinaï, waar het zeven weken later aankwam. Op de vijftigste dag verzamelde het hele volk zich aan de voet van de berg Sinaï (Exodus 19).
Op die dag begon het te donderen en te bliksemen, er hingen dreigende onweerswolken boven de berg. De ramshoorn werd geblazen, iedereen in het kamp beefde. De berg Sinaï was helemaal in rook gehuld, want de HEER was daarop neergedaald in vuur. Toen sloot God met zijn volk Israël een verbond en gaf Hij het de tien woorden. Wegwijzers voor een goed leven in het beloofde land dat ze straks zouden ontvangen.
Gersteoogst
De bevrijding uit Egypte en de verbondssluiting op de Sinaï – zeven weken later – zijn de twee hoogtepunten uit de geschiedenis van Gods volk. God hechtte eraan dat die jaarlijks gevierd zouden worden. Vandaar de door God zelf ingestelde jaarlijkse vieringen van Pesach en Sjavoeot. Maar wat zouden dan geschikte momenten zijn? Daar heeft de HEER zorgvuldig over nagedacht. Hij sloot met die twee grote feesten aan bij de agenda van de Israëlitische boer. Hij kleurt die in! Als de winter achter de rug was, ging de boer weer aan het werk. De akker klaarmaken om die in te zaaien. Na verloop van tijd vond dan de eerste oogst plaats: de gersteoogst. De HEER koos dat eerste vreugdevolle moment voor de boer uit om Pesach te vieren.
Zo werd de Israëliet eraan herinnerd dat hij die oogst te danken had aan God. Die had hem uit het slavenland van Egypte bevrijd en hem zijn eigen stukje grond in het beloofde land gegeven. Daarom moest hij naar de tempel om de eerste garve gerst aan te bieden aan de priester. De priester plaatste het offer voor Gods aangezicht als symbool voor de hele oogst. Daarmee werd uitgedrukt: HEER, U laat niet los wat U begonnen bent. En U bent royaal! We geloven dat U nog veel meer gaat geven. We zullen geweldige oogstfeesten krijgen. Nog even en dan zal de oogst zijn bekroning vinden in de tweede oogst van dit seizoen: de tarweoogst.
Tarweoogst
Vanaf die dag begon men de dagen van de lente te tellen (zie Leviticus 23:15). Van één tot zeven, en dat zeven weken lang. Zeven is vanaf het allereerste begin Gods ‘geluksgetal’. Zeven, dan moet je aan God denken… En de vijftigste dag, de dag na zeven keer zeven, werd door de HEER uitgekozen om het zogenoemde Wekenfeest te vieren.
God sloot met die twee grote feesten aan bij de agenda van de Israëlitische boer
Opnieuw ging de boer naar de tempel, nu met twee gebakken broden van tarwemeel. Geen losse graankorrels, maar gemalen en tot geurige broden gebakken graan. In de joodse traditie vierde men op die vijftigste dag niet alleen de opbrengst van het land, maar ook de verbondssluiting op de berg Sinaï en de prachtige Thora die de HEER zijn volk gegeven had. Mensen, moet je toch eens zien hoe de HEER ons zegent! Hij voedt ons met brood en met liefdevolle wijsheid. En dan zongen ze Psalm 67, de psalm die in het Hebreeuws vast niet toevallig 49 woorden telt.
Die psalm helpt om bij de voltooiing van Pasen in Pinksteren verder te kijken dan je eigen neus lang is. De aarde heeft een rijke oogst gegeven, wat zegent de HEER ons. Maar Hij doet dat met het oog op de hele wereld. God, ónze God, is eropuit dat álle volken Hem leren kennen in zijn goedheid en genade.
Echo’s
Tegen deze achtergrond wordt het eerste vers van Handelingen 2 heel sprekend: ‘En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld werd…’ (HSV). Weer was er geteld na Pesach, na Pasen. Van één tot en met zeven en dat zeven weken lang. Net zoals alle eeuwen daarvoor was de boer bezig geweest met het bewerken en inzaaien van het land. En op Pesach had hij de graankorrels in de garve naar de tempel gebracht. Geen verschil met voorgaande jaren.
Maar dit jaar was er iets bijzonders gebeurd. God had zijn Zoon naar deze wereld gestuurd en die was als een boer door de wereld getrokken en had zichzelf gezaaid! Hij had zichzelf als een graankorrel in de aarde laten vallen en zijn leven gegeven. Hij wilde niet op zichzelf blijven, maar sterven en veel vrucht dragen (Johannes 12:24). Dat sterven was gebeurd met Pesach.
Mensen, moet je toch eens zien hoe de HEER ons zegent!
Nu dus geen zaaizaad van gerst of tarwe, maar Hijzelf. Nu geen feest van bevrijding uit Egypte bestemd voor één bijzonder volk, namelijk Israël. Nee, veel groter! Nu een feest van bevrijding uit de macht van de duivel en de dood, bestemd voor alle volken in deze wereld.
Dát zou duidelijk worden op de vijftigste dag na Pasen. Weer waren de zeven keer zeven weken voorbij. Het grootste Wekenfeest uit de geschiedenis was aangebroken. In Handelingen 2 klinken de echo’s van de verbondssluiting op de Sinaï op allerlei manieren door in de beschrijving van de uitstorting van de heilige Geest: wind, storm en vuur. Jeruzalem is in rep en roer en de mensen zijn ontzet.
Dansen
En als er één ding duidelijk wordt, dan is het dit: het gaat met Pinksteren niet in de eerste plaats om de opbrengst van het land, het wuivende goud van tarwehalmen in de wind. Nee, het is God begonnen om mensen. De mensen uit alle volken, die moeten van vreugde dansen in de wind. Blij om wie God is zullen ze vol ontzag en liefde zingen voor Hem. De aarde heeft een rijke oogst gegeven, prachtig! Maar het doel is dat Hij niet slechts onder dat ene volk Israël woont, maar dat Hij met zijn Geest woning maakt in de harten van alle mensen. En dat álle volken Hem zullen belijden en Hem zullen loven.
Met het oog daarop haalde de HEER op die eerste pinksterdag drieduizend mensen binnen voor zijn koninkrijk, mensen uit allerlei landen. Dat waren nog maar de eerstelingen, een voorproefje van wat komen zou. Vandaag klinkt al in bijna tweeduizend talen zijn lof. Pinksteren is de kers op de taart van Pasen: de hele wereld zal God loven om Hem die zichzelf gegeven heeft tot een verzoening van al onze zonden en door wie deze wereld weer helemaal wordt zoals God hem bedoeld heeft. Jezus gaat alles rechtzetten!
Om over door te denken
- Je denkt misschien weleens: de dingen gaan zoals ze gaan. Soms zit het mee, soms zit het tegen. En zo zal het blijven gaan tot je dood gaat. Maar dat is niet waar! God is betrokken bij onze wereld en bij ons persoonlijk. God kleurt onze agenda’s. Vroeger bij de Israëlitische boer die vanaf Pasen leerde tellen en de bevrijding uit Egypte vierde tot en met de verbondssluiting op de Sinaï. Nu leert Hij ons tellen van de dood en opstanding van onze Heer op Pasen tot en met Pinksteren. Pasen kan niet zonder Pinksteren. Alle volken mogen het horen: het komt goed met deze wereld, dankzij Hem, Jezus Christus! Hoe geef jij kleur aan je agenda?
- Vraag God of Hij ook jou wil gebruiken om de hoop van het evangelie van Jezus Christus aan anderen door te geven, door de manier waarop jij in je leven vertrouwt op God en leeft met Hem. En misschien heeft God wel een bijzondere taak voor jou. Bid God erom en wie weet waarmee Hij je verrast!
Roel Venderbos is deeltijd predikant van de NGK Kampen en deeltijd geestelijk verzorger in een verpleeghuis.




