Twee kerken op één kussen
- Trefpunt
Al meer dan 45 jaar gaan Klaas en Bep Dijkens-van Dijk uit Son (bij Eindhoven) kerkelijk gezien gescheiden wegen. Klaas is lid van de NGK, Bep van de GKv. Dat leidde vooral in de beginjaren tot hevige discussies, tot ze op een gegeven moment besloten om open en eerlijk de goede en de minder goede dingen van beide kerken te bespreken. Bep: ‘Ik wilde geen Rebekka zijn, die wel eens even organiseerde wie er door God gezegend werd. Ik leerde te vertrouwen.’
‘Ik begon in 1959 met een kritische houding ten opzichte van het geloof aan mijn studie wis- en natuurkunde in Amsterdam’, vertelt Klaas. ‘Maar gaandeweg begon mijn geloof in God en zijn beloften steeds meer gestalte te krijgen. Er groeide een warme band met God. Tegelijk bleef ik een kritische kerkganger. Ik vocht tegen regelgeving en vooral tegen het absolute denken en te grote zekerheden. Toen zich in Amsterdam in 1969 de scheuring voordeed, ben ik bewust buitenverband gebleven.’
Voor zijn vrouw Bep lag dat anders. ‘In Amsterdam werd er begin jaren zestig door een aantal jongeren uit onze kerken nogal relativerend gesproken over de Bijbel, de wonderen van Jezus en zijn maagdelijke geboorte. Ik kreeg toen moeite met het geflirt van onze kerken met de synodale kerken waar de vrijzinnigheid in opkomst was. Toen er in 1969 gekozen moest worden, kon ik het niet verantwoorden om te blijven.’
De nadruk op het kerkverband, geleerd van professor Kamphuis, was destijds voor haar ook van belang, maar van de enigewarekerkgedachte en het veilige onderonsgevoel moest ze niets hebben.
Waardering
Toen ze eenmaal voor een verschillende kerk gekozen hadden, moesten ze daar samen een weg in zien te vinden. Klaas: ‘We hadden eerst allebei een verdedigende houding naar onze eigen kerk toe. Vooral toen de kinderen zo oud werden dat we ze mee wilden nemen naar de kerk, drong het tot ons door hoe schadelijk het was dat we alsmaar discussieerden.’
‘Na een jaar of vijf, zes kwam er rust en ontspanning’, zegt Bep. ‘We leerden toen om niet alleen kritiek, maar ook waardering te hebben voor elkaars kerk.’
‘Echte eenheid is er alleen met Christus als bron’
Voor de drie kinderen uit het gezin Dijkens heeft het feit dat ze bij wijze van spreken in twee kerken opgroeiden natuurlijk ook gevolgen gehad. De oudste heeft er vooral pijnlijke herinneringen aan, omdat er in de jeugdgroepen van beide kerken denigrerend over de andere gesproken werd. Daardoor voelde ze zich bij allebei onveilig. De beide andere kinderen hebben er de positieve ervaring aan overgehouden dat ze geleerd hebben naar twee kanten te kijken. Ze leerden als het ware onafhankelijk van de kerk te geloven.
Klaas: ‘De kinderen volgden catechisatie in de NGK, maar bewogen zich in de jeugdgroepen van beide kerken. Als het moment aanbrak waarop ze belijdenis gingen doen, trok ik er als vader een avond voor uit om serieus met hen over de kerkvraag door te spreken. Ze mochten zelf kiezen, maar wel gemotiveerd. Dat hebben ze alle drie als ontspannen en ruimhartig ervaren.’
Verheerlijken
Het spreekt vanzelf dat Klaas en Bep blij zijn met de toenadering tussen de NGK en de GKv, en niet alleen vanwege hun persoonlijke situatie. Bep: ‘Ik geloof in de kracht van het samengaan. We hebben elkaar veel te bieden. Ik maak me zorgen over de toenemende individualisering, ook in de kerk, en over het feit dat sommigen de geschiedenis verheerlijken. Waarheid zonder liefde is geen waarheid, en liefde die de waarheid niet zoekt is geen liefde. Echte eenheid is er alleen met Christus als bron.’
Heleen Sytsma-van Loo is neerlandicus en redacteur van OnderWeg.



