Loslaten en vasthouden

Roel Venderbos | 9 december 2017
  • Eyeopener

Want wij hebben hier geen blijvende stad, maar wij zoeken de toekomstige.
(Hebreeën 13:4, HSV)

Alles verandert en gaat voorbij. Daardoor kun je als mens soms verlangen naar hoe het vroeger was. Misschien ook wel in de kerk. Maar Jezus leert ons dat we het oude en vertrouwde los kunnen laten als we Hem maar blijven vasthouden. Hij is dezelfde tot in eeuwigheid.

Alles gaat voorbij, zei ze tegen me. Ze was al wat ouder, en ze keek mismoedig. Ja, we beginnen allemaal met opbouwen. Aan kennis: je gaat naar school en leert van alles. Aan mensen om je heen: je bouwt een kring van vrienden en kennissen op. Aan bezit: je begint klein, maar je huis wordt hoe langer hoe meer gevuld met spullen, waaraan allerlei herinneringen vastzitten. Aan gezondheid: eerst ontwikkel je jezelf in kracht, fysiek, mentaal, intellectueel.

(beeld KevinCarden/Lightstock)

(beeld KevinCarden/Lightstock)

Maar als je oud wordt, merk je dat het allemaal voorbijgaat. Je moet afstand doen van wat je opgebouwd hebt. Wat je aan kennis had, is verouderd ­– je kleinkinderen halen je in. De mensen om je heen vallen weg. Je huis moet je verkopen en je houdt hoogstens nog een paar waardevolle dingen over. En je gezondheid? Die laat steeds meer te wensen over, het is continu inleveren. En de kerk? Die verandert ook voortdurend. Alles gaat voorbij. En, zei ze, je gaat zelf óók voorbij. De tijd tikt door. Een mens is uiteindelijk maar een voorbijganger. Heel confronterend, maar zo is het wel. Toch?

Wederopbouw

Als vanzelf moest ik denken aan dat zinnetje uit de brief aan de Hebreeën: ‘We hebben hier geen blijvende stad, maar we zoeken de toekomstige.’ Voor oudere lezers bekende woorden. Hún ouders hadden dit zichzelf eigen gemaakt. Misschien wel om de armoede van de crisisjaren door te komen. De twintiger en dertiger jaren waren niet best, er was armoe en veel ziekte. En het was aan alle kanten merkbaar dat ze in deze wereld geen blijvende stad hadden. Het gaf een soort troost om dit in de Bijbel te lezen.

Een mens is uiteindelijk maar een voorbijganger

De generatie daarop nam de tekst mee in de tijd van de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. Er werd hard gewerkt, niet zeuren, maar aanpakken. In die tijd kon deze tekst als waarschuwing meegegeven worden: je moet je grenzen weten en er dus ook niet naar streven om je helemaal te settelen in deze wereld. Alsof deze wereld het één en het al is en je in déze wereld alles zou moeten hebben wat je wenst. Nee, we hebben hier geen blijvende stad.

Enthousiast

Allemaal mooi, maar waarom werd dit gezegd tegen de eerste lezers van deze brief? Dat had uiteraard alles te maken met hun situatie. De Hebreeën waren afkomstig uit de Joodse wereld van Jeruzalem. Ze waren zeer vertrouwd met de Bijbel, het Oude Testament, met name de psalmen. Ze kenden de eredienst van de tempel en keken hoog op tegen de hogepriester (zie 5:10, 8:1,2).

Van nabij hadden ze de kruisiging van Jezus meegemaakt (zie 6:4, 13:12), maar door de prediking van de apostelen waren ze tot geloof in Jezus gekomen (zie 2:1-4). Het was de ontdekking van hun leven! Jezus die mee door hun toedoen vermoord werd aan het kruis bleek de lang beloofde messias te zijn. Alles wees erop. Hij was opgestaan uit de dood. Je zou je dood schrikken, maar zijn volgelingen boden in zijn naam vergeving van zonden aan, als je je schuld belijdt en je leven aan Hem verbindt. Geen wraak, maar liefde! Ze hadden zich gewonnen gegeven aan Hem, en wilden nooit meer bij Hem weg. Veel hadden ze ervoor overgehad: hun baan, hun maatschappelijke positie (velen waren zelf priester geweest, zie Handelingen 6:7), en vaak veel van hun bezittingen (10:32, zie ook Handelingen 2:41-47, 4:32-35). Maar wat waren ze enthousiast geweest!

Heimwee

Intussen was de tijd verdergegaan. Ze kwamen steeds meer in de knel te zitten. Aanvankelijk was men verbaasd over die mensen die hun leven verbonden aan Jezus, en hoe dat hun leven veranderde. Maar van lieverlee ontstond er niet alleen irritatie, maar ook vervolging. Veel christenen waren in de gevangenis terechtgekomen en Stefanus was niet de enige die zijn geloof in Jezus met de dood had moeten bekopen.

Ook was er kritiek van familie, collega’s, de officiële Joodse autoriteiten, enzovoort. En het haakte ergens diep van binnen aan bij hun heimwee naar het oude en vertrouwde: de schitterende tempel met de offerdienst en alles wat daarbij hoort, de hogepriester met zijn prachtige kleding en al het indrukwekkende ceremonieel. De verleiding was buitengewoon groot om daarnaar terug te keren. Daar zág je tenminste iets van Gods heil, daar was het zichtbaar en tastbaar. Want wat heb je aan geloof als je er toch niets van ziet en merkt?

Wat heb je aan geloof als je er toch niets van ziet en merkt?

Maar dan zegt de schrijver: verlies alsjeblieft de moed niet. Denk eens terug aan de rituelen op Grote Verzoendag. Van het zondoffer dat op die dag gebracht werd, mocht niet gegeten worden. Zowel het vlees als de huid en de mest van de stier en bok van het zondoffer moesten buiten de legerplaats verbrand worden (Leviticus 16:27). Dat was niet zonder reden, want dat offerdier droeg de schande en schaamte van de zonde van het volk en moest daarom buiten de legerplaats vernietigd worden. De HEER wilde de zonde van zijn volk op alle mogelijke manieren zichtbaar wegdoen. Weg, de stad uit, er mocht niets van overblijven. Eigenlijk hadden wij, mensen, de dood verdiend, maar in plaats daarvan droeg dat beest onze schuld en onze straf.

Zondebok

En dan legt de schrijver de link: Jezus Christus heeft zichzelf als de zondebok bij uitstek buiten Jeruzalem opgeofferd voor onze zonden. Hij heeft geleden buiten de stad. Hij was hét zondoffer, Hij heeft eens en voorgoed zijn leven gegeven. Die hele offerdienst is nu voorbij. We hoeven ons daarom niet meer te richten op het altaar in Jeruzalem, maar op Jezus. Daarom moeten we net als Jezus de stad verlaten en om Hem heen gaan staan. En goed beseffen dat Hij het vuile werk voor ons heeft opgeknapt.

Je bent niet pas goed en geliefd door terug te vallen in oude rituelen

Inderdaad, eigenlijk hadden wij de dood verdiend, maar in plaats daarvan droeg Hij onze schuld. Hij stierf aan het kruis om ons er weer bovenop te krijgen. Hij de dood in, om ons het leven weer te geven. In zijn dood op Golgota moet je je vastheid zoeken, want wat Hij gedaan heeft is blijvend. Hij roept ons voortdurend toe: alles, alles is volbracht! Wij hadden het goede en mooie leven moeten leiden, en wij konden en kunnen het niet. En nu zegt Hij: Ik heb het voor je gedaan. Je bent niet pas goed en geliefd door terug te vallen in oude rituelen of door goede dingen te doen. Je bent ook niet pas goed en geliefd als mensen je waarderen, maar je bent geliefd omdat Ik je liefheb. En blijf nou bij Mij, luister met je hart naar wat Ik je zeg.

Oók als je misschien een heleboel los moet laten, je bevindt je in goed gezelschap. In dat van je Heer die zijn leven gaf en die leeft tot in eeuwigheid. Het oude, vertrouwde moet je loslaten, maar Hij staat zo vast als een huis: Jezus Christus blijft dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid!

Dankoffers

Wie alles loslaat maar Hem vasthoudt, is uiteindelijk geen voorbijganger, maar een blijvertje. En via Hem komt de blijvende stad, waar ook al je tranen om het loslaten gewist zullen worden. Intussen kun je vandaag offers brengen: dankoffers om God te prijzen. En offers van liefdadigheid en onderlinge solidariteit. Daar heeft God plezier in. Er valt dus toch nog wat te offeren, mensen, zegt de schrijver met een knipoog. Een beetje priester, dat blijf je altijd!

Om over door te denken

  • Mensen willen zich veilig voelen. Kijk maar hoe het gaat als een nieuwe groep mensen bij elkaar komt voor een aantal vergaderingen. De eerste keer gaan ze ergens zitten. Tien tegen één dat ze de volgende keer op dezelfde plaats gaan zitten. De Hebreeën hadden sterke behoefte om terug te vallen op oude, vertrouwde rituelen. Dat is iets van alle tijden en heel menselijk. Hoe is dat voor jou persoonlijk? Herken je het ook breder, bijvoorbeeld in je eigen kerkelijke gemeente? Hoe doe je dat: je vastmaken aan Christus én je veilig voelen?
  • Bij alle ingrijpende veranderingen konden de Hebreeën toch ‘een beetje priester blijven’. Hoe ben jij dat?
  • Met verlangen uitkijken naar de stad die komt – hoe stempelt dat jouw leven?
Over de auteur
Roel Venderbos

Roel Venderbos is deeltijd predikant van de NGK Kampen en deeltijd geestelijk verzorger in een verpleeghuis.

Meest gelezen

God begint, Jakob wint

God begint, Jakob wint

Maurits Oldenhuis
  • Eyeopener

Het is een van de meest mysterieuze verhalen in de Bijbel. Jakob vecht op de oever van de Jabbok met een vreemdeling die later God blijkt te zijn. Dat is al vreemd. Maar alsof het niet genoeg is: Jakob wint ook nog. Dit verhaal is niet alleen mysterieus, het is bizar en ongehoord.

Lees artikel
Elkaar bemoedigen in het geloof

Elkaar bemoedigen in het geloof

Jeroen Sytsma
  • Eyeopener

Stel dat je de grote apostel Paulus tegenkomt, hoe zou jij hem dan bemoedigen? Ja, je leest het goed: Paulus heeft bemoediging nodig en hij gaat ervan uit dat jij die kunt geven. Dat schrijft hij zelf aan het begin van zijn brief aan de christenen te Rome.

Lees artikel
Toeval bestaat…

Toeval bestaat…

Almatine Leene
  • Eyeopener

Christenen zijn geneigd te zeggen dat toeval niet bestaat. God bestuurt alles en toeval staat daarmee in contrast. Maar staat toeval eigenlijk wel tegenover Gods leiding?

Lees artikel
3:16

3:16

Rob van Houwelingen
  • Eyeopener

Johannes 3:16 staat onbetwistbaar boven aan de top tien van meest geliefde Bijbelteksten. Het is de tekst waarnaar het meest verwezen wordt op internet. Een Bijbelstudie van Rob van Houwelingen.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief