Column: Student en stad
- Column
Auto’s met boedelbakken, matrassen en spullen op de stoep, ouders die met een ferme glimlach hun bezorgdheid onderdrukken en zoon of dochter achterlaten in de stad. Daar gaat een student op kamers. Vol verwachting, maar toch ook een beetje ontredderd.
Ik weet genoeg van jonge studenten om me voor te stellen wat er dan kan gebeuren. De een raakt overweldigd door studie en stad en trekt zich op die kamer terug. Voetje voor voetje wordt vanuit de eigen eenzaamheid de wereld verkend. Een ander stort zich in alles wat wordt aangeboden en komt op plekken waar hij of zij nog nooit is geweest en verliest zo zichzelf. Vrees en naïviteit zijn niet de wapens waarmee je zo’n stad moedig te lijf moet gaan.
Wat heb je aan een tussenjaar
als je vervolgens de eeuwigheid verspeelt?
Ik las onlangs dat een dominee zich had afgevraagd of gelovige jongeren wel naar steden als Amsterdam of Utrecht moeten gaan. Er wordt daar immers flink aan hen geschud. Maar wegblijven lijkt me geen goed advies. De stad vormt; het is goed om te leren zelfstandig te zijn. Maar het is wel waar dat jongeren niet onvoorbereid moeten gaan. Ik zie sommigen wegglijden, omdat ze het moeilijk vinden in een nieuwe omgeving de vaste routines van hun geloofsleven vast te houden.
Studenten denken tegenwoordig heel goed na over hun keuzes. Rond studie en carrière moet alles kloppen. Er zijn er die een tussenjaar nemen om hierover na te denken. Wat wil ik? Wat past bij mij? Maar wat heb je aan een tussenjaar als je vervolgens de eeuwigheid verspeelt? Christen-zijn in de stad vraagt stevige keuzes. Voor welke omgeving kies je? Heb je een netwerk van medechristenen om je heen? Stimuleer je elkaar om gelovig bezig te blijven met God en zoek je een kerk om naar toe te gaan? Door welke invloeden word je gevormd? Is het echt nog steeds ‘lees je Bijbel, bid elke dag’? Wie dit op orde heeft, kan ook de stad aan.
Roel Kuiper is hoogleraar Onderwijs en Identiteit aan de Theologische Universiteit Utrecht en oud-senator van de ChristenUnie.


