Vreemdelingen en bijwoners
- Opinie
‘Wat de ziel in het lichaam is, zijn de christenen in de wereld’, staat in een brief die bijna zo oud is als het Nieuwe Testament. Het citaat vormde inspiratie voor zo’n dertig kerkleiders van over heel de wereld. Samen dachten ze na over de vraag: wat kan ‘mijn’ kerk bijdragen aan vrede en welzijn in de samenleving?
Van Japan tot Kenia, van Indonesië tot Peru, uit zo’n zeventien verschillende landen namen mannen en vrouwen deel aan een internationale conferentie, georganiseerd door mission-organisatie Verre Naasten, samen met hogeschool Viaa en de TU Kampen. Toerusting, ontmoeting en bemoediging zijn de drie grote doelen van de conferentie, die afgelopen mei in Zwolle werd gehouden.
In onze contacten met kerken in het buitenland viel ons een sterk verlangen op van broers en zussen om hun samenleving te dienen. Juist als christen willen ze graag iets betekenen in hun land, hun streek of stad. Hun geloof is maar niet een persoonlijke spiritualiteit, zij willen de handen uit de mouwen steken voor de ander. Juist om daarvoor te worden toegerust, kwamen ze naar Nederland.
Verschil
Daar worden we allemaal geconfronteerd met een kritische vraag: maken kerken en christenen daadwerkelijk verschil in hun samenleving? Hoe vaak volgen ze niet gewoon de meerderheid? Ook de christenen in Myanmar hebben – net als het merendeel van de bevolking – maar weinig ontferming voor de Rohingyaminderheid in hun land. Kerken in Oeganda doen maar bitter weinig voor de vervolgde homo’s. En gelovigen in Nederland liggen doorgaans niet wakker van het onrecht van de internationale armoede, al heeft die alles te maken met hun consumentistische levensstijl.
Maar al te vaak geven verschillen aanleiding
tot onrecht en onderdrukking
‘Vreemdelingen en bijwoners’ is het thema van de conferentie. Christenen hebben een ander vaderland en juist die hemelse identiteit laat hen het welzijn zoeken van hun stad, van hun land. Als het goed is.
Vier lenzen
De deelnemers negeren deze spannende vragen niet. Op de conferentie zoeken we ze juist op. Wat kunnen gelovigen bijdragen aan hun samenleving, juist daar waar het spannend is, waar er een breukvlak te zien is in de maatschappij? Armoede en rijkdom, etniciteit, religie en gender zijn zulke breukvlakken. Elk van die vier thema’s wordt op een aparte dag besproken. Wat zegt het evangelie van Jezus Christus over deze thema’s? En hoe speelt dat in de maatschappij waarin ik leef? Zo fungeren de onderwerpen als vier lenzen om naar het hoofdthema te kijken.
Langzaam ontdekken we ook een paar lijnen. De eerste les is: de Bijbel verzet zich tegen een dualistisch geloof, een geloof dat wel gaat over mijn persoonlijke heil, maar dat niet te maken heeft met recht en gerechtigheid in deze wereld. ‘Laat uw wil gebeuren en uw rijk komen op aarde zoals in de hemel’, leert Jezus ons bidden én doen.
Fabel
Vervolgens: mensen zijn verschillend, zijn man of vrouw, behoren tot die ene of juist een andere bevolkingsgroep of stam, hebben veel mogelijkheden of zijn juist beperkt. Maar al te vaak geven die verschillen aanleiding tot onrecht en onderdrukking: de sterken leven ten koste van de zwakken. Van de weeromstuit willen we vaak de verschillen ontkennen, alsof ze er niet mogen zijn. We zijn toch allemaal mensen?
Maar zou er niet een middenweg zijn? God de schepper heeft mensen verschillend gemaakt. God houdt van verschillen. De kunst is juist om in en met die verschillende mogelijkheden elkaar te dienen: mannen en vrouwen, rijken en armen, en al die verschillende groepen in een samenleving.
Ineens staat er een dominee uit
Bangladesh, Malawi of Marokko
op de preekstoel
In de sessie over arm en rijk luisteren de deelnemers naar de fabel van de iep en de wingerd. De iep is een vrij waardeloze boom. Hij geeft geen vruchten en met zijn hout kunnen mensen niet veel. Maar tegen zijn stam kan de wingerd groeien, met zijn kostelijke druiven. Zonder steun komt de wingerd niet van de grond en verrotten de druiven nog voor ze rijp zijn. Juist samen leveren iep en wingerd een overvloed aan prachtige vruchten.
Maar wie is nu de iep en wie de wingerd? In het gesprek over arm en rijk komen de deelnemers er niet uit. Zijn financiële middelen de vruchten? Heeft de rijke de arme nodig om echt mens te zijn? Of is het andersom: heeft de arme juist de rijke nodig om tot bloei te komen? En zou je dezelfde vergelijking ook kunnen toepassen op die andere breukvlakken in de maatschappij? Hebben allochtone minderheden en de ‘eigen’ bevolking elkaar nodig om tot bloei te komen? En mannen en vrouwen?
Zo bekeken gaat het niet alleen over de rechten van onderdrukten, het gaat om een manier van leven waarbij je betrokken bent op de ander.
Bemoediging
Samen nadenken is niet altijd makkelijk. Als je een duidelijk antwoord denkt te hebben, blijkt er vaak toch weer een andere manier om ergens tegenaan te kijken. Sommige deelnemers verzuchtten: geef ons een duidelijke Bijbelse lijn, dan weten we tenminste hoe het zit. Wat zijn de wereld en het leven ingewikkeld. Maar tijdens de vele gesprekken in de discussiegroepen, gedurende de maaltijden of zomaar onderweg gebeurt er iets prachtigs. Mannen en vrouwen groeien in kennis en in liefde, juist omdat ze luisteren naar de verhalen van anderen. Iemand typeerde dat eens als een ‘Efezisch moment’, naar het gebed van Paulus dat we alleen samen met alle heiligen in staat zijn om de breedte en lengte, de hoogte en diepte van Christus’ liefde te verstaan.
Zo’n Efezisch moment is er niet alleen op de conferentie. De deelnemers logeren bij Nederlandse gastgezinnen, waar bijzondere vriendschappen worden gesmeed. Op de zondagen gaan de broeders en zusters voor in Nederlandse kerkdiensten. Ineens staat er een dominee uit Bangladesh, Malawi of Marokko op de preekstoel. En krijgt de gemeente in Hoek, Onnen of Haarlem een ongedacht kijkje op wat God wereldwijd doet. De reacties van zowel de gemeenteleden als de gastpredikers zijn overduidelijk: we zijn blij dat God ons aan elkaar heeft gegeven. Wat een bemoediging.
Jan Matthijs van Leeuwen is coördinator partners en programma’s bij Verre Naasten.



