Ontvangen maakt gelukkiger dan geven

Ton Vos | 23 januari 2015
  • Wandelen met God
Hebben wij als kerk zulke vreemde gasten niet dringend nodig? (beeld Denis Pepin / 123rf.com)

Hebben wij als kerk zulke vreemde gasten niet dringend nodig? (beeld Denis Pepin / 123rf.com)

Enige tijd terug kwam ik aan de praat met een opgeschoten jongen. Zo’n type waarbij je even wat beter op je portemonnee let. Maar hij beschaamde mij. Hij wilde aan mij als dominee een ervaring kwijt. Hij had voor het eerst van zijn leven een kerkdienst bezocht. Met tranen in zijn ogen vertelde hij hoe hem dat had geraakt (en daardoor raakte hij mij op zijn beurt ook weer).

Het was een gewone, traditionele kerkdienst geweest. Zo één waar wij onze onkerkelijke vrienden niet gauw mee naartoe zouden nemen. ‘Maar dominee, weet u wat daar gebeurde? Die man voorin vertelde een mooi verhaal en die hele kerk luisterde, allemaal samen. En het allermooiste kwam tegen het einde: er was iemand ziek en toen ging die man voor die zieke bidden en de hele kerk bad toen mee. Allemaal samen voor die ene! Gebeurt dat ook in uw kerk?’

Zo vertelde deze jongen mij hoe ongelofelijk rijk ik ben. Hij liet mij vanuit zijn perspectief met nieuwe ogen kijken naar wat wij in het geloof en in elkaar hebben. Ik ontving de blijde boodschap uit zijn handen.

Verdiepen

Ontvangen maakt gelukkiger dan geven. Deze omkering van de uitspraak van de Heer (‘Geven maakt gelukkiger dan ontvangen’, Handelingen 20:35) lijkt op het eerste gezicht onze zelfzuchtige aard te strelen. Iedereen wil toch liever krijgen dan geven. Ongetwijfeld is dat zo als het gaat om geld en goed. Maar in geestelijk opzicht kon het weleens anders liggen. Want wie het koninkrijk niet ontvangt als een kind, kan het niet binnengaan.

Durven we ons te laten leren door de moslim, de astroloog, de dakloze?

Misschien is dit wel het oog van de naald voor doorgewinterde christenen en hebben we buitenstaanders zoals die jongen hard nodig om dat te laten zien. Bijvoorbeeld in de ontdekkingsvreugde van een prille gelovige die – gegrepen is door de eerste liefde – nog zo veel niet weet en maar blijft vragen. Of door te leren ontvangen uit de handen van de meest onwaarschijnlijke figuren. Mensen die allesbehalve onze gereformeerde taal gebruiken, maar die toch iets hebben ontdekt wat alles met God te maken heeft. Ofwel in hun zoeken en verlangen, of in hun inzicht in onze werkelijkheid, of in hun ervaring met het goddelijke.

Durven we ons te laten leren door de moslim, de boeddhist, de humanist, maar ook de astroloog, de dakloze en de junk? Zijn we bereid open te staan voor wat de Geest ons via hen wil vertellen? Dan kunnen we met Paulus alles uit de wereld ontvangen wat waar is, edel, rechtvaardig, zuiver, lieflijk en eervol. Niet om onze Bijbelse en confessionele kennis van de Heer te relativeren, maar om die juist te verdiepen en te zuiveren.

Zo kunnen we voorkomen dat we in de hoek komen van de Schriftgeleerden, die de boodschap van de magiërs niet konden ontvangen, omdat die met hun occulte methoden toch nooit een boodschap van de God van Israël hadden kunnen krijgen en doorgeven? Hebben wij zulke vreemde gasten niet dringend nodig om als kerk de basismodus van het ontvangen te bewaren? Zoals God ook heeft bepaald dat Israël de redding uit de handen van de heidenen moest ontvangen, hoewel de redding van henzelf komt.

Lege handen

Wij zijn de koning te rijk met onze Heer en zijn blijde boodschap. Maar, o wee als die rijkdom ons bezit gaat worden en wij de wereld alleen nog maar iets hebben te geven. De arme rijken van Laodicea. Ooit stond een zwarte man verdrietig op een gesloten kerkdeur te kloppen. De Heer stond naast hem en zei: ’Ik weet wat het is, Mij laten ze ook niet binnen.’

Geloven is ontvangen, met lege handen. Daarin ligt de sleutel om het evangelie te kunnen delen met hen die de Heer nog niet kennen: we kunnen alleen geven als we oprecht eerst willen ontvangen. Als we Gods boodschap niet willen ontvangen uit de handen van een buitenstaander, is het de vraag of we die wel echt uit Gods handen ontvangen hebben.

Over de auteur
Ton Vos

Ton Vos is predikant van de NGK Ede en redacteur van OnderWeg.

Meest gelezen

Bidden van duim tot pink

Bidden van duim tot pink

Jeroen Sytsma
  • Wandelen met God

In de gebedshand staat elke vinger voor een onderdeel van het gebed. Tegelijk geeft elke vinger ook diepgang aan dat onderdeel.

Lees artikel
Zegenen met de goedheid van God

Zegenen met de goedheid van God

Ronald Westerbeek
  • Wandelen met God

Eén van de mooiste dingen die we in de christelijke gemeente kunnen doen, is elkaar zegenen: elkaar woorden toespreken die gevuld zijn met de goedheid van God.

Lees artikel
De Geest zucht met ons mee

De Geest zucht met ons mee

Maurits Oldenhuis
  • Wandelen met God

Pinksteren is geweest. Het feest van de heilige Geest die zich met kracht baan breekt in de kerk en in het leven van gelovigen. Hij komt met het geluid van een orkaan. Maar Hij komt ook zonder woorden en gepolijste zinnen, mee zuchtend in onze stilte en kwetsbaarheid.

Lees artikel
Hij draagt onze pijn

Hij draagt onze pijn

Wim van der Linde
  • Wandelen met God

Onlangs bezochten mijn vrouw en ik met een goede vriendin de expositie van Jip Wijngaarden in de Oude Kerk van Delft. Jip Wijngaarden is op latere leeftijd christen geworden en in haar werk wil ze graag het Joodse volk laten zien wie Jezus, de messias, is.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief