Jezus wil kinderen krijgen met zijn bruid

Peter Wierenga | 14 mei 2016
  • Reportage
  • Thema-artikelen

Nieuwe leden aan het gezin van God toevoegen is de hartenwens van Jezus. Maar hoe gaat dat? Peter Wierenga beschrijft de verschillende stadia aan de hand van gesprekken die hij de afgelopen maanden had. Van bidden en verlangen, via doen en proberen, tot aan koesteren en groeien.

Jezus heeft hetzelfde verlangen als echtparen: Hij wil dat Hij en zijn bruid kinderen krijgen. Nieuw leven. Een huis vol nieuwe, jonge mensen. (beeld Unsplash/Pixabay)

Jezus heeft hetzelfde verlangen als echtparen: Hij wil dat Hij en zijn bruid kinderen krijgen. Nieuw leven. Een huis vol nieuwe, jonge mensen. (beeld Unsplash/Pixabay)

‘Het lukte maar niet’, vertelt Moniek, ‘maar nu, nu ben ik eindelijk in verwachting. Als de Heer het wil, krijgen we toch kinderen!’ Zij en Kees zijn al acht jaar getrouwd. Nooit kwamen er kinderen. Hoe ze ook hoopten en probeerden, het gebeurde gewoon niet. Maar de wens bleef. Kees: ‘Verlangen zet je niet uit met een knopje! We bleven bidden en hopen.’ En nu is het toch zo ver. Onverwacht en zonder duidelijke reden. ‘Grote vreugde, we krijgen een kind!’

Jezus heeft hetzelfde verlangen als Kees en Moniek. Hij wil dat Hij en zijn bruid kinderen krijgen. Nieuw leven. Een huis vol nieuwe, jonge mensen. In dit artikel praat ik met mensen (de bruid) die vertellen hoe zij hopen, bidden en werken voor de komst van nieuwe kinderen van God.

Priesterlijk

God wil graag veel kinderen. Het is zijn grote verdriet dat zo veel mensen Hem hebben verlaten of Hem niet willen kennen. En het is zijn diepe verlangen dat zijn bruid zich ‘voortplant’. Een gezin dat zichzelf ook voortplant!

‘In onze kerk willen we Gods verlangen heel concreet vormgeven in ons gebed en in de kerkdienst’, vertelt Paul. ‘In de diensten en de kringen bidden we voor steeds een andere groep mensen. De ene zondag vragen we bijvoorbeeld een wethouder om ons iets te vertellen over de noden van de stad. Daarna bidden we voor ons stadsbestuur en voor de door hem genoemde punten. Ook in de kringennieuwsbrief vermelden we deze gebedspunten. Zo dragen we mensen en hun behoeften heel concreet op aan God.’

‘Veertien dagen later bidden we bijvoorbeeld voor mensen die betrokken zijn bij de gezondheidszorg’, vervolgt Paul. ‘Een arts – lid van onze gemeente – vertelt er iets over. Ik vraag alle verpleegkundigen en verzorgenden om te gaan staan. En vervolgens iedereen die ziek is. We dragen al die mensen op aan God: de huisartsen, de ziekenhuisstaf en al die zieken. En we vragen of God deze mensen wil helpen, raken, helen.’

De gemeente van Paul werkt aan ‘de basis’. De priesterlijke functie van de gemeente is ‘mensen bij God en God bij de mensen brengen’. Petrus noemt het God welgevallige offers brengen. Paul: ‘Wij vinden gebed een basis hiervoor. We bidden dat God nieuw leven geeft en we bidden voor onszelf, dat we Gods werk ondersteunen. We verlangen ernaar dat zijn koninkrijk komt! We voelen ons hiertoe ook geroepen door God zelf: we willen van onze naaste houden en de grote opdracht vormgeven door als gemeenschap te bidden.’

Biertje

Het is Gods wens dat zijn mensen zich werkelijk inzetten om zich ‘voort te planten’, als kerk en als individu. Dat betekent dat we dingen moeten doen en moeten proberen om geestelijke vaders en moeders te worden van nieuwe christenen. Dat begint weliswaar met verlangen en bidden, maar daarna moet je aan de bak! Want mensen worden niet vanzelf zwanger (behalve dan Maria). Het vraagt om een blijde bereidheid om een kind van God voort te brengen én het vraagt om het werk van Gods Geest (net als bij Maria). Zo werkt God: via mensen die anderen tot Gods kinderen maken.

Het begint weliswaar met verlangen en bidden,
maar daarna moet je aan de bak

Freek: ‘Ik heb vorig jaar een jongen geappt die al jaren niet meer bij ons in de kerk kwam en die nooit heeft geleerd wat echt geloven is. Of hij zin had om een biertje met me te drinken. Dat vond hij prima. We zaten ergens in een kroegje en ik vertelde dat ik bezig was met jongerenbijeenkomsten in onze soosruimte. Of hij zin had om te komen. Niet echt, zo bleek. Maar we kletsten wat door en opeens zei hij dat hij zou komen. Zo vet…’

Elke keer was deze jongen erbij. Een paar maanden geleden vroeg Freek of hij in het team wilde meewerken en dat vond hij leuk. ‘En toen zei hij vorige maand opeens dat hij misschien wel belijdenis wilde gaan doen, maar dat hij ertegen opzag om met de dominee te gaan praten’, zegt Freek. ‘Drie dagen later belde hij me boos op of ik de dominee had getipt, want die had hem gebeld. Ik bezwoer van niet. Een week later had hij een gesprek met de dominee en appte hij me. Hij wist het zeker: dat de dominee belde, was een teken van God zelf geweest. En hij had ook een andere vriend gebeld: ze gingen opnieuw praten met de dominee, omdat ze samen belijdenis wilden gaan doen. Wauw!’

Nieuwe familie

Een andere christen, Mohammed, vertelt over zijn ontmoeting met Herman. ‘Ik was uit mijn land gevlucht omdat ik christen was. In Nederland zocht ik een kerk. De eerste keer dat ik ergens kwam, zei iemand: “Je moet maar even wachten in de hal. De mensen in deze kerk hebben vaste plekken. Als de kerkdienst bijna begint, kun je op één van de vrije stoelen gaan zitten.” Dat was mijn eerste kennismaking met de kerk in Nederland. Maar toen ontmoette ik Herman. Herman vroeg me of ik met kerst al een plekje had om samen te eten en kerstfeest te vieren. Ik zag dat helemaal niet zitten. Ik ben dik. Ik ben Afghaan. Ik spreek alleen een beetje Engels. Ik pas helemaal niet in zo’n Nederlands gezin. Maar hij had het al geregeld en zou me ophalen. Het kwam goed, daar moest ik maar op vertrouwen. Nu zit ik altijd bij Herman in de kerk. Daar zit mijn nieuwe familie. En Herman is een beetje mijn “vader”, omdat de mijne zo ver weg was en nu is overleden.’

Mensen als Freek en Herman dóen. Ze proberen. Ze zoeken. Gewoon, dicht bij huis. Bij vrienden, kennissen, collega’s en klasgenoten. En God gebruikt hen. Freek: ‘God doet echt wonderen. Dat zag ik zelf nu ook voor het eerst. Ik wilde dat ik dat eerder had geweten!’

Wat ze doen, is niet ingewikkeld of groots. Maar omdat God op allerlei manieren vrucht geeft, zie je zomaar kleine of grote resultaten. Onze roeping is niet ver weg. Kijk om je heen! God werkt in je eigen dagelijkse bestaan en je eigen netwerk. Hij vraagt van jou alleen maar dat je doorgeeft wat je van Jezus ontvangt: liefde, aandacht, gehoorzaamheid en verlangen.

In het verhaal van Mohammed is ook te lezen dat je persoonlijk of als kerk blokkades kunt opwerpen en toetreders in de weg kunnen zitten. Meewerken en tegenwerken liggen heel dicht bij elkaar, in jouw eigen hart en handen.

Een baby'tje koester je en verzorg je. Je maakt foto’s van zijn eerste stapjes en zijn eerste woordjes worden meteen gedeeld met familie en vrienden. Nieuwe gelovigen geven iets soortgelijks aan ons. Je ziet het met eigen ogen: kijk eens wat God doet, kijk eens hoe God ingrijpt! (beeld Unsplash/Pixabay)

Een baby’tje koester je en verzorg je. Je maakt foto’s van zijn eerste stapjes en zijn eerste woordjes worden meteen gedeeld met familie en vrienden. Nieuwe gelovigen geven iets soortgelijks aan ons. Je ziet het met eigen ogen: kijk eens wat God doet, kijk eens hoe God ingrijpt! (beeld Unsplash/Pixabay)

Ongemerkt

Iemand komt tot geloof. Iemand komt terug bij God. Het is feest in de hemel. Maar op aarde start de volgende fase. Nadat Maria een kindje ter wereld bracht en de borst gaf, leerde Jozef het kind timmeren. En beiden leefden ze voor hoe je God dient. Ze gaven in hun leven en spreken iets door van de oude geschriften. Ook de synagoge werd ingeschakeld en het kind ging mee naar het jaarlijkse tempelfeest.

Gerdien: ‘In onze gemeente zien we veel mensen die net zijn gaan geloven. Vaak zijn dat mensen met een universitaire studie achter de rug. Soms zelfs twee. Daarom organiseren we een cursus met heel veel leermateriaal en avonden met stevige gesprekken. Want deze mensen zitten vaak vol vragen. Hun hele wereld staat op de kop. Alles wat ze dachten te weten, blijkt anders te zijn.’

Gerdien vervolgt: ‘Ik ontmoette een man op de cursus die in een week de hele cursusmap had gelezen en meteen ook maar het hele Nieuwe Testament. Hij zat vol vragen. Voor mij en voor ons als kerk betekende dit tijd maken en ruimte scheppen. En wat heb ik daar veel van geleerd! Die man had zulke mooie vragen. In twee weken studeerden we daar samen op door. Ik leerde daardoor de Bijbel opnieuw kennen, door zijn ogen. Ik leerde zelfs God beter kennen, omdat God op zo’n wonderlijke manier in het leven van deze man aanwezig was geweest. Zulke mensen lesgeven is het mooiste wat er is!’

‘Die man had zulke mooie vragen, wat heb ik daar veel van geleerd!’

Gerdien en anderen die mogen optrekken met nieuwe gelovigen ontdekken zelf veel nieuws. Gods grootheid en genade worden op een bijzondere manier zichtbaar. God blijkt vaak al jaren aan het werk te zijn in het leven van mensen, zonder dat iemand daarvan wist. Dat maakt dat je zelf ook gaat terugkijken op je leven, om te zien wat God ongemerkt allemaal voor jou deed.

Mensen als Gerdien zien dat Gods Geest werkt als de wind, door momenten, dingen en woorden die je niet verwachtte. Door een gebaar, een filmfragment of een lied. De hele schepping en veel van wat mensen doen, maken en zeggen, blijkt vervuld van Gods grootheid. Je weet het alleen vaak niet. Maar in de verhalen, de getuigenissen en de bekeringen van nieuwe gelovigen ontdek je God opnieuw en opnieuw!

Hoop

Een baby’tje koester je en verzorg je. Maar nog meer dan dat de baby geniet van jouw liefde, geniet jij van de onvoorwaardelijke liefde en het vertrouwen van zo’n kind. Je maakt foto’s van zijn eerste stapjes en zijn eerste woordjes worden meteen gedeeld met familie en vrienden. Nieuwe gelovigen geven iets soortgelijks aan ons. Je ziet het met eigen ogen: kijk eens wat God doet, kijk eens hoe God ingrijpt!

Petrus spreekt over de redding van de Joden als opnieuw enkele heidenen zich hebben bekeerd. Hij draait het om als hij zegt: ‘Wij worden net zo gered als deze mensen, deze heidenen.’ Je hoort Petrus’ vreugde en verwondering over die nieuwe gelovigen en over God. Als er voor hen hoop is, is er ook voor ons hoop. Door nieuwe gelovigen krijg je nieuwe ontdekkingen en een nieuwe kijk op hoop. Het resultaat is nieuw elan.

De namen van de geïnterviewden in dit artikel zijn vanwege privacyredenen veranderd.

Over de auteur
Peter Wierenga

Peter Wierenga is adviseur evangelisatie, zending en kerkplanting van de NGK.

Meest gelezen

‘Een homo is meer dan zijn seksuele verlangens’

‘Een homo is meer dan zijn seksuele verlangens’

OnderWeg
  • Achtergrond
  • Interview
  • Thema-artikelen

Wolter Rose weet al sinds de jaren tachtig dat hij homo is. ‘Overtuigd door het evangelie van Christus’ koos hij voor een celibatair levenspad. En lange tijd was dat in de gereformeerde wereld de geëigende route, maar het tij keert. ‘Vroeger had je wat uit te leggen als je als homo een relatie aanging, nu ben ik degene die wat uit te leggen heeft.’

Lees artikel
‘Door de apocriefe boeken ga je de Bijbel met andere ogen lezen’

‘Door de apocriefe boeken ga je de Bijbel met andere ogen lezen’

Leendert de Jong
  • Interview
  • Thema-artikelen

Onbekend maakt onbemind. Dat geldt ook voor de zogenoemde apocriefe boeken die niet hoog op de leeslijstjes van bijbelgetrouwe christenen staan. Terwijl ook die boeken volgens bijbelwetenschapper Arco den Heijer reflecteren op wie God is. 'Er zit in die boeken veel wijsheid, wij kunnen er onze winst mee doen.’

Lees artikel
‘Kan een kind het avondmaal wel echt beleven?’

‘Kan een kind het avondmaal wel echt beleven?’

Embert Messelink
  • Interview
  • Thema-artikelen

Robert Roth (GKv) draait er niet omheen: 'Ik heb een radicale visie op kinderen aan het avondmaal. Kinderen horen er helemaal bij, ook als hun geloof zich nog niet persoonlijk heeft ontwikkeld.' Hij gaat in gesprek met Kees de Groot (NGK). Een gesprek tussen twee theologen die tegenovergestelde standpunten hebben, intens naar elkaar luisteren, elkaar scherp bevragen en samen verder willen komen.

Lees artikel
Belijdenis doen: waarvoor, waarover, voor wie?

Belijdenis doen: waarvoor, waarover, voor wie?

Jos de Kock
  • Opinie
  • Thema-artikelen

Waar is het goed voor, belijdenis doen? Waar gaat het eigenlijk over? En voor wie is het bedoeld? Een praktische analyse van deze vragen.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief