Is missie naar moslims nog van deze tijd?

Cees Rentier | 2 april 2016
  • Opinie
  • Thema-artikelen

Waarom zou je moslims met het evangelie willen bereiken? Het is een vraag die vaker te horen is onder christenen. Cees Rentier van de stichting Evangelie & Moslims ziet genoeg redenen om de missie naar moslims voort te zetten.

Dertig jaar geleden was er in grote delen van wat vandaag de PKN is ernstige twijfel of zending naar moslims legitiem was. In de kleine kerken van de Reformatie twijfelde vrijwel niemand daaraan. Het aantal gemeenteleden dat zich met missie naar moslims bezighield, was uiterst klein, maar ze konden rekenen op brede waardering.

Vandaag ligt dat anders. De verschillen tussen kerken zijn minder groot, maar de opvattingen van gemeenteleden lopen ver uit elkaar. Christenen die in hun enthousiasme naar Lesbos afreizen om vluchtelingen uit het water te helpen en die hun komst als een kans zien om het evangelie met hen te delen, moeten antwoord geven op kritische vragen. Van de ene kant krijgen ze te horen dat ze er in hun naïviteit aan bijdragen dat moslims binnen afzienbare tijd zo veel invloed in Europa krijgen dat de rechtsstaat onder druk zal komen te staan. Van de andere kant wordt gevraagd of onze drang om moslims tot het christendom te bekeren de wereldsamenleving niet onnodig onder druk zet.

Moeten we niet afzien van een missionaire houding naar moslims en het aan God overlaten welke weg Hij met hen gaat? Zeker na al het kwaad (kruistochten, imperialisme, economische uitbuiting) dat het christelijke Westen heeft aangericht in de wereld van de islam. En vrome moslims aanbidden God toch al? Worden zij er beter van als ze christen worden?

Gelukkig

Wie de vreugde ziet in het leven van Syrische asielzoekers die vanuit het evangelie ontdekken wie Jezus is, twijfelt er niet aan of missie naar moslims legitiem is. Er is meer te zeggen, maar het is voor de kerk wel goed om steeds weer hier te beginnen.

Ik herinner me een jongeman die toen ik hem sprak al twee jaar lang iedere week op een andere plek moest slapen omdat zijn familie hem wilde doden. Toch was hij gelukkig, omdat hij Jezus had leren kennen. Hij was er nog steeds zeker van dat hij de goede keuze had gemaakt om zijn familie en de religieuze traditie waarin hij was opgevoed niet méér te achten dan Jezus. De missie van de kerk staat of valt met de vraag of gemeenteleden van dichtbij zien hoe het leven van mensen verandert wanneer zij de gekruisigde en opgestane Heer ontmoeten. Hun getuigenis verbindt ons met het getuigenis van het Nieuwe Testament.

Koning

De evangeliën vatten de boodschap van Jezus samen met de aankondiging dat het koninkrijk van God met zijn komst nabijgekomen is. Daarom wordt iedereen opgeroepen tot omkeer en geloof.

Het koningschap van God is ook een thema dat voortdurend terugkeert in het Oude Testament. De psalmen belijden dat God koning is van deze aarde, maar beschrijven tegelijk dat Hij niet als zodanig wordt erkend. Waar God geen koning is, zit iemand anders op de troon. Dan heersen boze machten en doen we elkaar onrecht aan, totdat God zal komen om het recht te herstellen.

Gods volk zijn zij die God wél erkennen. De profeten herinneren Israël echter steeds aan drie dingen. Eén: dat zij Gods volk genoemd worden, is niet te danken aan hun morele superioriteit, maar aan Gods verkiezende liefde. Twee: het volk behoort dit te beantwoorden met daadwerkelijke gehoorzaamheid aan Gods bedoelingen. Drie: je erkent God alleen echt als koning als je erop gericht bent dat de hele wereld Hem weer zal erkennen.

Van het evangelie moet je met recht zeggen:
it is true to all, or it isn’t true at all

Als het volk van God tekortschiet, groeit de verwachting dat God zelf komt om het koningschap te herstellen, zoals Hij heeft beloofd. Het Nieuwe Testament maakt duidelijk dat Jezus’ komst en optreden de vervulling van die belofte is. Wie Jezus’ vergeving ontvangt en wordt gedoopt, mag weer delen in Gods gemeenschap. Wie Hem afwijst, wijst God af en zegt nee tegen het leven waarover Hij koning is.

Van meet af aan is Jezus’ komst op de hele wereld gericht. De missie waarmee Jezus zijn leerlingen op weg stuurt, kent wel prioriteiten, maar is niet tot bepaalde groepen of volken beperkt. De oproep tot omkeer klinkt zowel in Jeruzalem als in Galilea en Samaria, zowel tot vrome leidslieden als tot notoire zondaars. Vanuit het perspectief van het Nieuwe Testament is het ondenkbaar dat er groepen mensen zijn die uitgesloten worden van de oproep van Jezus tot omkeer, geloof en doop. Van het evangelie moet je met recht zeggen: it is true to all, or it isn’t true at all. Als het goed is, roept de kerk dus ook moslims op om het offer van Jezus te aanvaarden en zich te laten dopen in de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.

Geen uitstel

Dave Andrews, de Australische auteur van het boek The jihad of Jesus, ziet onder christenen in zijn omgeving vooral agressie en haat richting moslims en ziet nauwelijks meer ruimte voor missie naar moslims. Hij zet vooral in op het zoeken naar common ground. Die benadering is bepaald niet nieuw. Nieuw is wel dat dit nu ook onder evangelicale christenen terrein wint.

Hoe begrijpelijk zo’n reactie ook is, het doet naar mijn mening geen recht aan wat God van ons vraagt. In het Oude en het Nieuwe Testament is het falen van het volk geen reden om de opdracht om getuige te zijn op te schorten of af te schaffen. Natuurlijk moet iemand die anderen op Gods koningschap wil wijzen wel zelf God als koning erkennen in zijn leven, maar beide kunnen geen uitstel dulden. Zelfs terwijl Gods volk afdwaalt en gestraft wordt, blijven de profeten spreken. Als grote delen van het volk, inclusief de leiders, aan God voorbij leven, schrijft God het volk niet af. Juist op dat dieptepunt stelt Jezus nieuwe leiders aan en zendt Hij zijn leerlingen uit.

Inderdaad heeft het christendom onnoemelijk veel fouten gemaakt, ook naar de moslimgemeenschap. Maar door al die eeuwen heen heeft God ook mensen geroepen die op integere wijze en met vrucht getuige waren naar moslims. Inzicht in eigen falen moet leiden tot omkeer en herstel, niet tot zelfbeklag en apathie.

Verkeerde terrein

Terecht hebben de predikanten W. Dekker sr. en jr. gewaarschuwd voor een te parmantige en activistische opstelling van de kerk bij missionair werk. Toegepast op de omgang met moslims kun je dan vragen of het geweld van moslimterroristen tegen het Westen geen oordeel van God is. En is er dan geen andere houding nodig in plaats van maar door te gaan met de evangelieverkondiging alsof er niets gebeurd is?

Ik denk zeker dat er geweld is waar het Westen op allerlei manieren mede schuldig aan is. Berouw en omkeer zijn hier nodig. Wie daar niet aan wil, is naïever dan wie geen zorgen heeft over de grote vluchtelingenstroom. Dat betekent echter niet dat het geweld door moslims alleen door fouten van het Westen is te verklaren of dat de moslimgemeenschap er niet meer op aangesproken kan worden. En al helemaal kunnen we op grond hiervan niet de conclusie trekken dat de (westerse) kerk haar missie naar moslims maar moet opschorten of afschaffen.

We moeten als kerk afstand nemen van het goedkope verwijt dat moslims met de naam Allah slechts een lokale afgod uit het Mekkaanse pantheon aanbidden

Ik merk dat er de laatste jaren vanuit de westerse kerken minder zendelingen worden uitgezonden naar de moslimwereld. De wapenleveranties en de militaire interventies vanuit het Westen zijn in dezelfde periode echter niet afgenomen. Een bekering op het verkeerde terrein, wellicht onder druk van een seculier Europa, dat de schuld van geweld graag op botsende religies afschuift. Tegelijkertijd word ik steeds weer verrast als ik zie hoeveel westerse zendelingen ook vandaag nog kunnen betekenen in delen van de moslimwereld waar grote antipathie is tegen het Westen.

Juist deze tijd vraagt om mensen die zich radicaal toewijden aan God in de navolging van Jezus en die breken met de zelfzucht die de wereld naar haar ondergang leidt. Het getuigenis van zulke mensen heeft de kerk nodig om op een menselijke schaal zicht te houden op wat er in de wereld gebeurt. De voorbeelden van christenen die moslims opzoeken als getuige van Christus, zonder politiek en economisch belang en zonder een houding van morele superioriteit, dragen naar mijn mening meer bij aan een goede houding van christenen tegenover moslims dan veel formele dialoogprogramma’s.

Lokale afgod

Miroslav Volf, de invloedrijke theoloog en directeur van het Yale Center for Faith and Culture, meent een belangrijke stap op weg naar vrede te kunnen zetten door de dingen te benoemen die we met moslims zouden delen. Vrede vinden we volgens hem alleen als we erkennen dat het bij moslims om dezelfde God gaat. Vanuit dit uitgangspunt somt hij een aantal gemeenschappelijke waarden op die vandaag benadrukt zouden moeten worden. Die overeenkomsten zijn net als bij Dave Andrews nogal christelijk ingevuld. Ik vraag me af of dat een goede basis is voor een dialoog, maar dat is niet mijn belangrijkste bezwaar. Ik twijfel of Volfs benadering theologisch houdbaar is en of zijn benadering bijdraagt aan vrede.

De Koran biedt over Jezus en de profeten geen historische informatie die iets aanvult of verheldert ten opzichte van de Bijbel. Integendeel, zijn afkomst en kruisiging worden verduisterd, zijn onderwijs ontbreekt en bij zijn wonderen worden apocriefe verhalen nieuw leven ingeblazen. (beeld Ravil Sayfullin/Shutterstock)

De Koran biedt over Jezus en de profeten geen historische informatie die iets aanvult of verheldert ten opzichte van de Bijbel. Integendeel, zijn afkomst en kruisiging worden verduisterd, zijn onderwijs ontbreekt en bij zijn wonderen worden apocriefe verhalen nieuw leven ingeblazen. (beeld Ravil Sayfullin/Shutterstock)

Inderdaad moeten we als kerk afstand nemen van het goedkope verwijt dat moslims met de naam Allah slechts een lokale afgod uit het Mekkaanse pantheon aanbidden. Dat is historisch onhoudbaar. De eerste moslimgemeenschap leerde van joden en christenen dat er maar één God is die hemel en aarde geschapen heeft en ons zal oordelen op de laatste dag. Aanvankelijk zag Mohammed zich als degene die de boodschap van de Bijbelse profeten moest overbrengen naar zijn Arabische volk. Maar toen hij door de joodse gemeenschap in Medina niet erkend werd, kwam hij met het verwijt dat jodendom en christendom hadden gefaald en de Schriften hadden verdraaid. Zijn eigen optreden en uitspraken kwamen in de plaats van de openbaring van de Schrift te staan.

Hier was niet het eerste van de tien geboden in het geding, maar wel het tweede. De Koran en de soenna (het voorbeeld van Mohammed) kwamen in de plaats van de Bijbelse openbaring tussen God en mens te staan. Dat zou je een vorm van afgoderij kunnen noemen, maar dat kun je vandaag zo niet meer zeggen. Afgoderij wordt buiten de kerk alleen begrepen in de zin van het eerste gebod: dat iets uit de schepping naast of in plaats van God wordt gesteld. Juist omdat het bij de islam wél over de ene God gaat, is de tegenstelling zo scherp.

Naast de problematiek van de politieke aspiraties van de islam, ligt de scherpte van het conflict vooral hierin dat de islam een expliciete tegenstem is tegen het evangelie. Er overkomt je weinig of niets in de moslimgemeenschap wanneer je iets lelijks zegt over God of twijfelt aan zijn bestaan. Wél wanneer je Jezus dankt en aanbidt omdat Hij voor je stierf aan het kruis.

Welke Jezus

De islam bedreigt de kerk in theologisch opzicht op eenzelfde manier als de gnostiek de vroege kerk bedreigde. De gnostiek was een religieuze stroming met oude wortels, die een alternatieve betekenis aan Jezus probeerde toe te kennen. De islam heeft zich vooral ontwikkeld als alternatieve visie op de boodschap van de profeten en in het bijzonder van Jezus. In die visie is Jezus niet degene die uit de hemel kwam, zijn goddelijke glorie aflegde en onze zonden droeg aan het kruis. Hij is slechts een figurant in de schaduw van Mohammed, die – weinig kritisch over het menselijke kwaad – mensen aanmoedigt om te ijveren voor God met gebruik van politieke macht. Hier wijst de islam een weg die precies tegenovergesteld is aan de weg die Jezus is gegaan.

Wie stelt dat de kerk niet het alleenrecht heeft op Jezus en dat moslims op hun manier Jezus kennen en eren, moet de vraag beantwoorden over welke Jezus we het dan hebben. De gekruisigde en opgestane Heer kennen we slechts uit het Nieuwe Testament, dat dankzij de traditie van de kerk ook vandaag nog voor ons beschikbaar is. De Koran biedt over Jezus en de profeten geen historische informatie die iets aanvult of verheldert ten opzichte van de Bijbel. Integendeel, zijn afkomst en kruisiging worden verduisterd, zijn onderwijs ontbreekt en bij zijn wonderen worden apocriefe verhalen nieuw leven ingeblazen.

Als het Nieuwe Testament een betrouwbaar beeld geeft van Jezus (en er is geen betrouwbaarder bron), dan doet de islam Jezus geen recht. Hier moet de kerk de islam ondubbelzinnig weerspreken. In de eerste plaats om Jezus te eren, in de tweede plaats om het getuigenis van de Schrift voor de kerk zelf te bewaren en niet in de laatste plaats om moslims te winnen voor de waarheid van het evangelie. Dat is als het goed is geen strijd tegen mensen, maar betekent juist inzet en opoffering voor anderen. We breken slechts redeneringen af die mensen ervan weerhouden om gehoorzaam te worden aan Christus (2 Korintiërs 10:3vv.). Talloze moslims ontdekten dat verschil en zijn christenen dankbaar dat ze hen wezen op de vrede van Christus.

Over de auteur
Cees Rentier

Cees Rentier (PKN) is als predikant verbonden aan de stichting Evangelie & moslims.

Meest gelezen

Gods stem herkennen: manieren waarop God spreekt

Gods stem herkennen: manieren waarop God spreekt

Ronald Westerbeek
  • Opinie

God spreekt graag met ons. Verwachten we zijn stem te horen? Zijn we aandachtig? En herkennen we de verschillende manieren waarop Hij tot ons spreekt?

Lees artikel
‘Een homo is meer dan zijn seksuele verlangens’

‘Een homo is meer dan zijn seksuele verlangens’

OnderWeg
  • Achtergrond
  • Interview
  • Thema-artikelen

Wolter Rose weet al sinds de jaren tachtig dat hij homo is. ‘Overtuigd door het evangelie van Christus’ koos hij voor een celibatair levenspad. En lange tijd was dat in de gereformeerde wereld de geëigende route, maar het tij keert. ‘Vroeger had je wat uit te leggen als je als homo een relatie aanging, nu ben ik degene die wat uit te leggen heeft.’

Lees artikel
‘Door de apocriefe boeken ga je de Bijbel met andere ogen lezen’

‘Door de apocriefe boeken ga je de Bijbel met andere ogen lezen’

Leendert de Jong
  • Interview
  • Thema-artikelen

Onbekend maakt onbemind. Dat geldt ook voor de zogenoemde apocriefe boeken die niet hoog op de leeslijstjes van bijbelgetrouwe christenen staan. Terwijl ook die boeken volgens bijbelwetenschapper Arco den Heijer reflecteren op wie God is. 'Er zit in die boeken veel wijsheid, wij kunnen er onze winst mee doen.’

Lees artikel
‘Kan een kind het avondmaal wel echt beleven?’

‘Kan een kind het avondmaal wel echt beleven?’

Embert Messelink
  • Interview
  • Thema-artikelen

Robert Roth (GKv) draait er niet omheen: 'Ik heb een radicale visie op kinderen aan het avondmaal. Kinderen horen er helemaal bij, ook als hun geloof zich nog niet persoonlijk heeft ontwikkeld.' Hij gaat in gesprek met Kees de Groot (NGK). Een gesprek tussen twee theologen die tegenovergestelde standpunten hebben, intens naar elkaar luisteren, elkaar scherp bevragen en samen verder willen komen.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief