Column: Water
- Column
Nat tot op mijn botten en mopperend over de zoveelste plensbui, kom ik binnen. Het Journaal is net afgelopen en ik vraag of ik iets gemist heb. Mijn zoon kijkt me mistroostig aan en zegt: ‘Elk onderwerp van vandaag had met water te maken en het was nooit positief.’ De chagrijn over de herfst die al vroeg inzet, druipt van me af en maakt me tegelijkertijd beschaamd bij het horen van het nieuws over orkaan Irma of de overstromingen in Zuid-Azië.
Water is onmisbaar om te overleven. We genieten van een tochtje op de boot of een duik in de zee. Toch gaan ook daarover de alarmbellen af: deze zomer verdronken er meer mensen. Het onbeschrijflijke leed van gezinnen die het nieuws krijgen dat het water een geliefde opslokte, doet mijn gedachten gelijk afdwalen naar de Middellandse Zee, waar nog steeds vluchtelingen ronddobberen op gammele bootjes.
De zee ging met geweld de grens over die God
haar bij de schepping gesteld had
Als Zeeuwse ben ik vertrouwd met het beeld van de zee als vijand. De verhalen van mijn ouders, die ternauwernood de Watersnoodramp van 1953 overleefden, hameren door. Mijn donkere beeld van de zee werd bevestigd toen ik in 2011 in Japan geconfronteerd werd met de verwoestende gevolgen van de tsunami. De zee ging met geweld de grens over die God haar bij de schepping gesteld had en sleurde 19.000 mensen met zich mee de dood in. Op zoek naar resten in de zoute modder dreunde het in mijn hoofd: ‘en de zee is er niet meer’.
Het zijn woorden van Johannes, die aan het einde van Openbaring een visioen over de toekomst met God beschrijft. Woorden van hoop, maar dat betekent niet dat we met een ‘Stil maar, wacht maar’-houding moeten afwachten. Zo werkt Gods koninkrijk niet. Dat is ook: heel praktisch noodhulp bieden na Irma, waterbouwkundige meesterwerken ontwerpen, nog meer aandacht besteden aan duurzaamheid. En hardop spreken over een droge toekomst. Zelfs zonder tranen. Zo zwemmen we nu tegen de stroom in om eilanden van hoop te bouwen. Tot Gods koninkrijk alles bedekt en er geen zee meer is.
Eline de Boo is schrijfster met een missionaire roeping.


